Wat we van gezondheidswerkers kunnen leren

Wat we van gezondheidswerkers kunnen leren

Actueel

de voorpagina halen ze niet vaak meer, maar het personeel in de gezondheidszorg blijft zich opofferen om zo veel mogelijk mensen te helpen en de coronapandemie de baas te zijn. Amnesty vroeg naar de ervaringen van gezondheidswerkers uit twaalf verschillende landen. er vallen belangrijke lessen te trekken.

Nu de race naar de vaccinatie op gang is getrokken, is het belangrijker dan ooit om te luisteren naar de verhalen van gezondheidswerkers. Covid-19 heeft reeds bestaande gebreken in onze gezondheidssystemen aan het licht gebracht en nog versterkt. Er vallen veel lessen te trekken uit deze pandemie. Daarbij zijn de inzichten van gezondheidswerkers onmisbaar. Ze zijn cruciaal om onze levens en onze mensenrechten in de toekomst beter te kunnen beschermen. 

Amnesty International heeft aan gezondheidswerkers uit twaalf landen gevraagd om hun ervaringen met de pandemie te delen. We spraken met mensen in Eswatini (Swaziland), Finland, Frankrijk, Kirgizië, Griekenland, Indonesië, Italië, Madagaskar, Pakistan, Papoea-Nieuw-Guinea, Zuid-Afrika en het Verenigd Koninkrijk.

Dit zijn enkele van de dingen die we van hen leerden.

Covid-19 liet gebrek aan basismateriaal zien

De Wereldgezondheidsorganisatie WHO zei onlangs dat de pandemie heeft laten zien wat de gevolgen zijn van ‘de chronische onderfinanciering van de openbare gezondheidszorg.’ In sommige landen leidden de gebrekkige infrastructuur en ontoereikende uitrusting tot een overrompeling van de gezondheidszorg, zelfs nog voor de pandemie uitbrak. 


“Elke dag ging ik werken met de gedachte: ik wil niet dat er vandaag iemand sterft”

Neuroloog, Kirgizië

Anara*, een neurologe in een ziekenhuis in Kirgizië, werkte van augustus tot september een maand lang op een Covid-19-afdeling. Ze vertelde Amnesty dat de omstandigheden er om te huilen waren. “Er was soms onvoldoende licht – schakelaars gingen stuk en de chirurgen moesten ze repareren. Ook het sanitair liet het soms afweten, en er waren maar twee loodgieters voor het hele ziekenhuis. Op een keer sloeg de wind een ruit aan scherven; we moesten ze zelf herstellen, ook al waren we bang dat onze chirurgische handschoenen zouden scheuren. We hadden geen speciale bedden voor intensieve zorg en moesten vaak patiënten op de grond leggen om ze te reanimeren."


“Elk ziekenhuis zou een mortuarium moeten hebben”

Medewerker mortuarium, Madagaskar

Rado* is brancardier in een ziekenhuis in Madagaskar. Na het uitbreken van de pandemie was hij ook aan de slag in het geïmproviseerde mortuarium van het hospitaal om lichamen te prepareren voor de begrafenis. “Er zijn heel wat zaken om je zorgen over te maken”, zegt hij. “Eerst en vooral was er onvoldoende materiaal. Er was hier geen echt mortuarium, we moesten een opslagplaats leegmaken om er de overledenen in te leggen. Stel je voor. Ik werd opgeleid in een ziekenhuis dat de geschikte uitrusting had om de lichamen van overledenen te behandelen, maar hier moesten we ons zien te redden met wat we hadden. Ik wil dit aankaarten bij de regering: alle ziekenhuizen zouden een mortuarium moeten hebben. Er zijn nog andere problemen; als je hier rondwandelt, zul je hier een daar zien dat er tegels ontbreken. Dit ziekenhuis is een puinhoop.”

Desinformatie kan leiden tot stigmatisering en vijandschap

David* is een arts in Papoe-Nieuw-Guinea. Amnesty heeft eerder al beschreven dat volgens de noodwetten in Papoea-Nieuw-Guinea alleen het hoofd van de politie en de eerste minister informatie over Covid-19 mogen vrijgeven. David beschrijft hoe desinformatie heeft bijgedragen tot vijandigheid ten opzichte van gezondheidswerkers. “In het begin was er de misvatting dat Covid-19 iets was als de pest. In maart wees ziekenhuispersoneel patiënten de deur uit angst. Nu gebruiken gezondheidswerkers persoonlijke beschermingsmiddelen en is er meer begrip."

“Ik weet van een verpleegster die besmet raakte en door haar familie werd buitengegooid. Toen ze hersteld was, wilden de mensen niet geloven dat ze negatief was. Ze dachten aan iets als hiv, iets wat ze had voor altijd. Er is ook een kleine minderheid die vindt dat de pandemie een leugen is. We moeten het probleem van de desinformatie in de mainstreammedia bestrijden.”

“Op testen rust ook een stigma. Ik sprak met twee piloten die weigerden zich te laten testen, zelfs als ze symptomen hadden, omdat ze hun job niet wilden verliezen. De angst zit erin, vooral op het platteland, voor het verlies van werk en inkomen.”

Hira* is een politieagent in Pakistan, waar Amnesty verschillende gevallen van geweld tegen gezondheidswerkers heeft vastgesteld. “We moesten bewaking voorzien bij ziekenhuizen die geregeld werden aangevallen door gefrustreerde familieleden van patiënten die bezweken waren aan Covid-19. Ziekenhuizen gaven de lichamen van overleden patiënten niet vrij, in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het virus. Daardoor was er bewaking nodig. We moesten ons opstellen vlak naast besmette patiënten – dat was delicaat.”


“Desinformatie in de media is een probleem dat we moeten aanpakken”

Dokter, Papoea-Nieuw-Guinea

“We moesten ook de wacht optrekken bij de in- en uitgangen van plaatsen die in lockdown waren, in zones waar niemand naar binnen of buiten mocht. We gebruikten doeken als barrières maar om echt een lockdown af te dwingen, moesten we ter plaatse zijn. Het publiek reageerde daar niet meteen erg goed op. Mensen raakten geagiteerd. Het was heel wat om daarmee om te gaan, en tegelijkertijd erop toe te zien dat je je niet blootstelde aan besmetting. We werkten 24 uur op 24 met nauwelijks rustpauzes, en velen van ons werden ziek.”

Om de stigmatisering van werkers in de gezondheidszorg en andere essentiële sectoren tegen te gaan, moeten overheden juiste en op feiten gebaseerde informatie over Covid-19 verstrekken, onder meer over hoe het virus zich verspreidt, en hoe besmetting kan worden voorkomen. Ze moeten ook publiek hun steun voor het zorgpersoneel uitspreken.

Sommige levens worden meer gewaardeerd dan andere

Verschillende gezondheidswerkers vertelden Amnesty dat ze voelden dat beslissingen over wie voorrang moest krijgen bij PPE (persoonlijke beschermingsmiddelen) hen onbeschermd hadden gelaten.

Tshepo*, een radiologe in een ziekenhuis in Zuid-Afrika: “Bepaalde beroepen kregen voorrang bij het voorzien van een degelijke bescherming. Vroeg in de pandemie werden ziekenhuisafdelingen ingedeeld volgens het risico: eerder laag of hoog. Onze afdeling radiologie viel onder de lage risico’s, hoewel we contact hebben met Covid-19-patiënten. Het kwam erop neer dat wij maar over een chirurgisch masker, een beschermkap en een plastic schort per shift beschikten. Ik raakte besmet met Covid-19 in maart. Nu hebben we beschermingsmateriaal, maar het is ontmoedigend als ik eraan denk dat wij in het begin onbeschermd waren, vooral omdat mijn lichaam nog altijd niet volledig hersteld is. Het virus heeft mijn ademhaling en sinussen aangetast, en ik voel me nog altijd vermoeid.”

Hanitra*, een logistiek verantwoordelijke in een ziekenhuis in Madagaskar: “In het begin kregen alleen dokters persoonlijk beschermingsmateriaal. Zij kregen de nieuwe pakken, wij wasten en hergebruikten ze. Het was vernederend. Onze klachten werden lange tijd niet gehoord.”

Robert*, farmaceutisch technicus in een ziekenhuisapotheek in Indonesië: “Sommige beleidsmaatregelen houden geen steek. Apothekers werden eerst bij het medisch ondersteunend personeel ingedeeld, maar daarna werden we gedegradeerd tot niet-medisch personeel. Het voelde aan als een gebrek aan respect. Ook wij hebben gestudeerd, ook wij werken hard en hebben een bepaalde expertise. Patiënten moeten weten hoe ze hun medicijnen moeten innemen, artsen hebben daar te weinig oog voor. En ook wij hebben contact met Covid-19-patiënten: er zijn nogal wat mensen in de apotheek die besmet raakten met het virus.”

Er zijn veel redenen waarom zorgpersoneel over de hele wereld slechts moeizaam beschermingsmateriaal kon krijgen, niet in het minst het feit dat er wereldwijd echt een tekort was. De WHO heeft richtlijnen gepubliceerd in verband met de distributie van beschermingsmateriaal. Voor mensen die bij hun werk aan gelijkaardige risico’s blootgesteld worden, moet hetzelfde beschermingsniveau gelden.

Zorgpersoneel betaalt de prijs voor beleidsfouten

Rhea* is arts in een ziekenhuis op een Grieks eiland. Griekenland is een van de landen waar Amnesty de nefaste gevolgen van besparingsmaatregelen heeft gerapporteerd. “Vele jaren was er geen steun voor het nationale gezondheidszorgsysteem en het zorgpersoneel", zegt Rhea. Haar eiland kijkt aan tegen specifieke uitdagingen: de ligging - op uren afstand van het vasteland - en de aanwezigheid van duizenden vluchtelingen die ook afhankelijk zijn van het nationale gezondheidszorgsysteem.

“Provinciale ziekenhuizen hebben moeite om dokters aan te werven. Er worden nu en dan wel vacatures aangekondigd, maar de lonen zijn zo laag dat niemand hier wil komen werken. Als gezondheidswerkers kennen we de noden van de plaatsen waar we werken. Er was in de Griekse ziekenhuizen geen planning, noch infrastructuur in de zin van ruimte of bijkomend personeel, om de zorg voor Covid-19-patiënten erbij te kunnen nemen. Het gevolg is dat het al vermoeide personeel nog meer belast werd.”

Zoals veel gezondheidswerkers beklemtoont Rhea dat ze haar job met veel overgave doet. “De voorwaarden zijn erg slecht, maar ik doe dit graag. Ik ben moe en soms maak ik me kwaad over hoe opeenvolgende regeringen ons hebben behandeld. Toch ben ik altijd blij als ik naar mijn werk ga.”


“Nu en dan worden vacatures aangekondigd, maar de lonen zijn zo laag dat niemand hier wil komen werken”

Dokter, Griekenland

Woede in de Europese sociale sector

Van de tientallen gezondheidswerkers met wie we spraken, waren die in de sociale zorg het kwaadst en meest uitgeput.

Annalisa* werkt in een woonzorgcentrum in Italië. De WHO zei dat in de hele Europese regio “de zorg op lange termijn dikwijls zwaar verwaarloosd werd”, en noemde de hoge dodentol in instellingen voor langdurige zorg een “onvoorstelbare menselijke tragedie”.

“Onze directie heeft ons nooit opgeroepen voor een vergadering of op welke manier dan ook geraadpleegd. We kregen nooit precieze instructies. Tijdens de piek werden bijna al mijn collega’s ziek en overleed de helft van de patiënten. Ik had nog nooit in mijn leven zoveel doden gezien, golven van 2 tot 3 per dag. Ik voelde me zo hulpeloos en boos. In onze regio fungeerden de voorzieningen voor ouderen als een vangnet, dat verhinderde dat het hele gezondheidssysteem instortte."


“Ik had nog nooit in mijn leven zoveel doden gezien, golven van 2 tot 3 per dag. Ik voelde me hulpeloos en boos”

Zorgmedewerker, Italië

“We vroegen om wattenstaafjes begin maart maar kregen de eerste pas eind mei. Als mensen waren getest en hen was gevraagd thuis te blijven tot de resultaten bekend waren, hadden we iedereen kunnen redden. Ik blijf me erg veel zorgen maken over de huidige situatie en over de toekomst. De mensen die we nu ontvangen, zijn nog kwetsbaarder (…). Ik zou het niet aankunnen om nog een keer met al die doden geconfronteerd te worden.”


“Onze sector is ziek en wij zijn moe.”

Zorgmedewerker, Italië

Laly* werkt in een woonzorgcentrum in Frankrijk. “Het zijn geen goederen waarmee we werken, het gaat om mensen”, zegt ze. “We zouden dus een openbare dienst moeten zijn, zoals een openbaar ziekenhuis, dat ondersteund wordt door de gezondheidsdienst. Tijdens de piek van de pandemie gingen sommige collega’s naar de apotheek om mondmaskers te vragen. Maar ze werden afgewimpeld omdat ze niet op de lijst van zorgverleners stonden."

“Ik denk dat onze regering niet inziet dat onze hulpverlening ook een emotionele waarde heeft. Tijdens de lockdown waren we psycholoog, hulpverlener en familie tegelijk. Ons werk houdt in dat we mensen helpen vanaf het moment dat ze opstaan tot ze weer gaan slapen. Soms werken we 24 uur aan een stuk door. Nochtans hebben velen van ons onzekere contracten en ontvangen ze minder dan het minimumloon. De regering onderschat echt onze woede.”

Lage lonen zijn ontmoedigend

Lovasoa* is een ziekenwagenbestuurder in Madagaskar. “De lonen in zorginstellingen zijn zeer, zeer laag”, zegt hij. “Ze dekken onze behoeften niet. Het is moeilijk om je kinderen naar school te sturen, bijvoorbeeld. Er is veel corruptie in Madagaskar en dat is deels te wijten aan de lage lonen in sommige sectoren. Als mensen hun huur, hun elektriciteit, de school van hun kinderen zouden kunnen betalen, dan kan Madagaskar komaf maken met de corruptie.”


“De lonen in zorginstellingen zijn zeer, zeer laag. Ze dekken onze behoeften niet. Het is moeilijk om je kinderen naar school te sturen”

Ambulancier, Madagascar

Sarah* werkt in een woonzorgcentrum in het Verenigd Koninkrijk. De besparingsmaatregelen van de regering hebben de zorginstellingen hard getroffen, en de bezuinigingen gingen zelfs recent nog door. “Tijdens de pandemie kregen we in het woonzorgcentrum hulp van allerlei externe diensten. De bazen merkten wel het verschil [in zorgkwaliteit]. Ik beweer niet dat externen slecht werk leveren, maar het is zo dat het vast personeel de routine van elke bewoner kent. De externe medewerkers kregen meer betaald dan wij, soms het dubbele van wat ze ons betalen. Dat is niet eerlijk.”

“Ik voel me echt verdrietig omdat sommige collega’s niet vinden dat ze een beter loon en betere voorwaarden verdienen. Sommigen zeiden dat het nu niet het moment was om loonsverhoging te vragen, maar wanneer is het dat dan wel? We zijn een verlengstuk van de NHS (National Health Service, de nationale gezondheidsdienst, die met belastinggeld gefinancierd wordt) en we willen behandeld worden zoals het NHS-personeel, met een leefbaar loon en deftige voorwaarden.”

Toch ook enkele lichtpunten

Ntombezulu, een sociaal werkster in Swaziland, is niet bang voor het virus dankzij de opleiding die ze gekregen heeft. “Ik heb een workshop gevolgd waar we leerden omgaan met de social distance-maatregelen, hoe we op de juiste manier ons mondmasker moeten dragen, onze handen moeten wassen en afstand houden. Dat heeft me geholpen om coronavrij te blijven, ook al had ik rechtstreeks contact met twee besmette personen.”

Tiina*, een verpleegster in Finland, zegt: “Het goede aan deze pandemie is dat iedereen in onze afdeling nu veel meer oog heeft voor de hygiëne. Daardoor zijn onze patiënten beter beschermd tegen Covid-19 en andere infecties. Het positieve is dat ook de band met onze patiënten daardoor sterker is geworden. Van onze werkgever kregen we een premie voor ons werk tijdens de epidemie, maar niet iedereen in Finland heeft zo’n Covid-19-bonus gekregen. Vrijwel iedereen in Finland vindt dat verplegend personeel onderbetaald wordt, maar er zitten altijd andere prioriteiten in de weg.”

Laly uit Frankrijk ziet de versterkte band met patiënten ook als een positief punt. “Soms waren wij hun enige contactpunt en het veranderde hun kijk op wie wij zijn. We kregen bedankjes van de families – van die kant was het verrijkend en positief.”

Anara uit Kirgizië: “Een groep jonge mensen kwam naar ons toe om een concert te spelen. Ik ben hen dankbaar voor hun moed. Mensen boden ons ook gratis hulp aan, advocaten bijvoorbeeld die ons adviseerden hoe we konden opkomen voor onze rechten, zonder dat ze honoraria aanrekenden die we niet konden betalen.”

Rado uit Madagaskar leerde nieuwe vaardigheden toen hij een job begon die hij nog nooit had gedaan. “Ik heb ook mensen ontmoet van wie ik dat nooit verwacht had: senatoren, parlementsleden, hoge ambtenaren. Ik heb met hen heel wat gesprekken gehad omdat ik me ontfermde over de lichamen van hun familieleden.”

Gezondheidswerkers vormen de ruggengraat van de gezondheidszorg. Ze worden terecht geprezen als helden van de Covid-19-pandemie. Regeringen mogen echter niet alles aan hen en hun opofferingen overlaten. Ze zijn eerst en vooral zelf mensen met mensenrechten. Het is essentieel dat we naar hun visie luisteren en hen beschermen, voor hen én voor onszelf. Ze hebben recht op een veilige werkplek, op fatsoenlijke werkvoorwaarden, en op de vrijheid om zich uit te spreken en hun werk te doen.

Nu we op weg zijn naar immuniteit, heeft elke gezondheidswerker die zijn gezondheid op het spel zet, het recht op een adequate bescherming en toegang tot vaccins, waar dan ook. Daarom is het voor elke regering cruciaal om gezondheidswerkers te beschermen bij het uitrollen van de vaccinatieplannen. Daarnaast moet de definitie van “gezondheidswerker” iedereen omvatten die werkt in de gezondheidssector en betrokken is bij het verlenen van gezondheidszorg, in welke hoedanigheid dan ook.

hier niet op duwen