Doelloos ronddobberend op de middellandse zee

Doelloos ronddobberend op de middellandse zee

Blog

Het duurde drie weken vooraleer Europese overheden beslisten wat er moest gebeuren met 49 mensen die gered waren op zee.

19 dagen lang dobberden ze doelloos rond, heen en weer geslingerd tussen te golven. Het is niet de eerste keer dat dit gebeurt, en vermoedelijk zal het ook niet de laatste keer zijn. Tegelijkertijd, in januari 2019, verboden de Spaanse overheden de reddingsacties van de ngo Proactiva Open Arms in de centrale Middellandse Zee.  

Wat gebeurt er nu echt als het aankomt op migratie in het centrale Middellandse Zeegebied? En wat doet Europa?

Zoek- en reddingsacties in de Middellandse Zee: hoe zit dat?

©Chris Grodotzki/Sea-Watch

Een vrouw en kind wachten aan boord van het reddingsschip Sea-Watch 3, ze zitten 19 dagen vast op zee. © Chris Grodotzki/Sea-Watch

Mensen die zich in nood op zee bevinden, moeten volgens het internationaal recht zo snel mogelijk gered en overgebracht worden naar een veilige plaats. Dat wil zeggen een land waar ze op een menselijke manier behandeld worden en waar ze een eerlijke kans krijgen om asiel aan te vragen.  

Tot voor kort betekende dat, dat wie uit Libië afkomstig was en op de centrale Middellandse Zee gered werd, naar Europa gebracht werd. Die persoon terugsturen naar Libië kon niet want daar riskeerde hij/zij/x arbitraire detentie en foltering.   

Europese overheden stonden voor een dilemma: enerzijds wilden ze de migratie via het centrale Middellandse Zeegebied een halt toe roepen. Ze willen namelijk niet dat meer mensen naar Europa komen. Anderzijds kunnen ze mensen niet terugsturen naar Libië zonder de wet te overtreden.

En dus vonden ze een achterpoortje: ze steunden de Libische kustwacht om mensen te onderscheppen en terug te brengen naar Libië. Die steun neemt veel verschillende vormen aan: er werden boten geschonken, bemanningsleden opgeleid, hulp aangeboden bij planning en coördinatie, en – misschien nog wel het belangrijkste – ze deden al het  werk om een Libisch ‘zoek- en reddinggebied’ te laten erkennen in de  centrale Middellandse Zee.

Hoe werkt dat dan in de praktijk? Het antwoord is simpel: niet. Dat konden we zien bij de totale impasse rond Sea-Watch en Sea-Eye, en toen de reddingsoperaties  van Proactiva Open Arms stilgelegd werden.

Sea-Watch & Sea-Eye: totale impasse

21 december 2018 

32 mensen zitten opeengepropt in een gammel bootje bij de Libische kust. Tussen hen bevinden zich vier vrouwen, vier onbegeleide tieners, twee 6-jarigen en een baby. Allemaal op weg naar Europa.

© Chris Grodotzki/Sea-Watch

Twee dagen nadat hij uit de Middellandse zee gered werd door het humanitair reddingsschip Sea-Watch 3, toont een jongetje zijn tekening met daarop de reddingsactie.

22 december 2018

Het humanitaire reddingsschip Sea-Watch 3 redt hen op zee, in internationale wateren, binnen het Libische zoek- en reddinggebied. Ze benaderen de maritieme autoriteiten van Italië en Malta. Die zeggen hen Libië te contacteren. De Libische autoriteiten antwoorden niet. Ze contacteren de Nederlandse overheid, gezien het schip onder een Nederlandse vlag vaart, maar die delen mee dat de kapitein van het schip verantwoordelijk is voor het vinden van een veilige aanmeerplaats. Zonder duidelijke instructies over in welk land aan te meren, vaart het schip naar de dichtstbijzijnde landen: Malta en Italië. 

28 december 2018

De Maltese overheden weigeren Sea-Watch 3 te laten aanmeren en geven opdracht het Maltese zoek- en reddinggebied te verlaten, aldus Sea-Watch. 

Vluchtelingen en migranten wachten op de Europese beslissing over hun toekomst aan boord van de Sea-watch 3 © Chris Grodotzki/Sea-Watch

29 december 2018

Een ander reddingsschip, de Professor Albrecht Penck, van de Duitse liefdadigheidsorganisatie Sea-Eye, haalt 17 mensen uit het water. Nadat ze de Libische overheid op de hoogte brengen, weigeren ze het Libische bevel om niet door te gaan met de redding. Nog langer wachten zou het leven van deze mensen in nood immers in gevaar brengen. Ze benaderen de Italiaanse kustwacht die hen aanstuurt om Libië en Duitsland te contacteren. De reddingsactie vond immers plaats in het Libische zoek- en reddinggebied en het schip vaart onder een Duitse vlag. 

Volgens de bemanning vroeg een naderende patrouilleboot van de Libische Kustwacht om de mensen aan boord aan hen over te dragen, en moesten ze van de Duitse autoriteiten de Libische instructies volgen. De bemanning weigerde, omdat het illegaal zou zijn onder internationaal recht om mensen terug te brengen naar Libië. Het schip zet koers naar Europa waar overheden hen de toegang weigeren.

31 december 2018

Weersomstandigheden verslechteren en daarmee ook de toestand van de geredde mensen. Ondervoeding en vermoeidheid nemen toe na een lange reis. Reddingsschepen zijn niet uitgerust om op langere termijn in hun behoeften te voorzien.

Een kind dat gered werd uit het Middellandse Zeegebied aan boord van Sea-Watch 3, terwijl het weer verslechterd. © Chris Grodotzki/Sea-Watch

2 januari 2019

Een storm steekt op. Malta laat de schepen toe tot dichter bij de kustlijn zodat ze iets meer bescherming genieten tegen de natuurelementen. Tegelijkertijd beloven enkele Europese landen een aantal van de geredde mensen toe te laten, eens ze via de Italiaanse of Maltese havens aan land gekomen zijn. Italië blijft de toegang weigeren. Malta wil enkel meewerken op voorwaarde dat andere Europese landen de volledige groep mensen overnemen, en ook een deel van de 249 andere mensen die eerder door de Maltese overheid gered zijn in een andere operatie.

Een baby tussen de vluchtelingen en migratnen aan boord van Sea-Watch 3. © Chris Grodotzki/Sea-Watch

8 januari 2019

De Spaanse maritieme autoriteiten weigeren toelating aan het reddingsschip Open Arms, van Spaanse reddingsngo Proactiva Open Arms, om de haven van Barcelona uit te varen voor monitoringsoperaties in de centrale Middellandse Zee.

© Felix Weiss/Sea-Watch

9 januari 2019

Na 19 dagen op zee wordt er eindelijk een deal gesloten en mogen de mensen op de Sea-Watch 3 en de Professor Albrecht Penck aan land in Malta, vanwaar ze zullen worden overgebracht naar 8 verschillende landen die uiteindelijk hun hulp aanboden.

Ontscheepte vluchtelingen en migranten komen eindelijk in Malta aan. ©Chris Grodotzki/Sea-Watch

Ontscheepte vluchtelingen en migranten komen eindelijk in Malta aan. ©Chris Grodotzki/Sea-Watch

Wat zijn de problemen?

Het Dublinsysteem

Over de jaren heen werden er heel wat boten, met vluchtelingen en migranten aan boord, gedurende uren, dagen en zelfs weken aan hun lot overgelaten. Deze vertragingen leidden tot meer doden op zee, zoals in het geval van de boot “achtergelaten voor dood” in 2011 en het “kinderscheepswrak” in 2013.

Volgend op deze grote incidenten ondernamen Europese landen reddingsoperaties en redden ze duizenden levens op zee. Maar de afgelopen jaren, schroefden diezelfde Europese landen hun operaties terug om het aantal mensen dat Europa wou bereiken te laten dalen. Met als gevolg dat het centrale Middellandse Zeegebied onbewaakt achterbleef.

Een aantal ngo’s probeert de leemte op te vullen en het hoge aantal doden op zee terug te dringen met reddingsschepen, volledig conform het internationaal maritiem recht. Maar die reddingsschepen worden in de steek gelaten nu ze de toegang geweigerd worden om in Europa, in het bijzonder in Italië en Malta, aan te meren met geredde mensen aan boord.

Waarom zijn Zuid-Europese landen zo voorzichtig om mensen toegang te verschaffen?  

Een belangrijke reden is het Dublinsysteem. Dit bepaalt dat het eerste land waar een asielzoeker voet aan wal zet verantwoordelijk is voor het onderzoeken van diens asielaanvraag. Het land moet instaan voor het verblijf van de asielzoeker tijdens de procedure, inburgering van erkende vluchtelingen en terugkeer van geweigerde asielzoekers naar hun land van herkomst. Dit heeft aanzienlijke gevolgen voor staten aan de buitengrenzen van Europa. Voornamelijk Zuid-Europese landen kiezen ervoor asielzoekers geen toegang te verschaffen door het ontbreken van intra-Europese solidariteitsmechanismen. Ook al betekent dat dat asielzoekers daardoor de dood riskeren en de staten in kwestie hun internationale verplichtingen schenden.

De Europese landen  laten zo niet enkel de Zuid-Europese landen in de steek, maar het system laat ook asielzoekers in de steek. Ze blijven achter op zee, kwijnen weg in Europese landen met inefficiënte en overbevraagde asielprocedures en slagen er niet in hun familieleden die al in een ander Europees land asiel aanvraagden of kregen te vervoegen. 

Jammer genoeg werden alle pogingen om dit Dublinsysteem te hervormen, of tenminste een systeem uit de denken om mensen snel aan land te laten gaan en daarna op een eerlijke wijze over de verschillende Europese staten te verdelen, verlamd door een aantal Europese regeringen.

De deal met Libië

De voorbije  jaren probeerden Italië en ander Europese overheden vluchtelingen en migranten weg te houden uit Europa door de grensbewaking te outsourcen aan de Libische autoriteiten. Vooral door de Libische kustwacht te helpen om mensen in nood te onderscheppen en hen mee terug naar Libië te brengen.  

Het feit dat vrouwen, mannen en kinderen bij terugkeer naar Libië het slachtoffer worden van arbitraire detentie, foltering, verkrachting en uitbuiting, lijkt er weinig toe te doen voor Europese leiders.

Een vluchteling in Libië went nadat ze gevangen werd door de anti-immigratie politie. © Taha Jawashi

Een vluchteling in Libië weent nadat ze gevangen werd door de anti-immigratie politie. © Taha Jawashi

Zoals gezegd was een belangrijk deel van de strategie het uitroepen van een Libisch zoek- en reddinggebied in het centrale Middellandse Zeegebied. Dit gebeurde in juni 2018. Vanaf dan was de Libische kustwacht verantwoordelijk voor de reddingsoperaties in dit deel van de Middellandse Zee. Het deel waar de meeste schepen zinken. De Libische kustwacht moet sinds dan ook instructies geven over waar reddingsschepen aan moeten meren. Maar de Libische kustwacht heeft niet voldoende capaciteit om reddingsoperaties te coördineren, en mensen terugsturen naar Libië is illegaal.

Nu kunnen Europese overheden nog steeds niet zeggen tegen schepen die in dat gebied mensen redden: “breng hen terug naar Libië”- want dat zou illegaal zijn - maar kunnen ze wel zeggen : “dat is het Libisch zoek- en reddinggebied, vraag de Libische kustwacht wat te doen”. Maar de kapitein van het schip moet wel nog steeds het internationaal recht naleven, en kan hen dus niet naar Libië brengen.

Hierdoor ontstaat een absurde situatie waarbij mensen die gered worden noch naar Libië, noch naar Europa kunnen en dus blijven ronddrijven op zee.

Het meest verraderlijke gevolg hiervan is dat kapiteins van schepen, voornamelijk commerciële schepen, ontmoedigd worden om hun verplichting na te leven om mensen op zee te redden uit angst om dagenlang op zee vast te zitten zonder zicht op toegang tot een veilige haven.

De situatie verergert doordat overheden ngo’s, die de Europese strategie van “outsourcing” verstoren, ervan weerhouden levensnoodzakelijke reddingsoperaties uit te voeren door ongegronde strafonderzoeken en bureaucratische obstakels.

Dat was het geval op 8 januari 2019 wanneer de Spaanse maritieme autoriteiten het schip van Proactiva Open Arms het administratief bevel gaven dat hen ervan weerhield mensen te redden in het centrale Middellandse Zeegebied. In dat bevel erkennen de Spaanse autoriteiten het falen van het huidige systeem waarbij staten rond de Middellandse Zee internationaal recht en standaarden overtreden door hun reactie op recente reddingsoperaties, maar laten ze de reddingoperatoren en de asielzoekers de prijs betalen.

Door deze constructie, en door ngo’s uit het Libisch zoek- en reddinggebied te duwen, hebben Europese leiders een juridische fictie gecreëerd, een rookgordijn waarmee ze hun verantwoordelijkheid voor de mensen in nood  op zee, van zich afschuiven. Dit is allesbehalve een oplossing.

Het migratiedebat verzieken uit politiek eigenbelang

Het aantal irreguliere binnenkomsten aan de Europese buitengrenzen was in 2018 het laagste in de voorbije vijf jaar, volgens het Europese grensagentschap Frontex. Toch blijven mensen geloven dat er een aanhoudende migratie “crisis” is in het Middellandse Zeegebied.

Slechts 114 000 vluchtelingen en migranten staken de Middellandse Zee over in 2018. De meesten kwamen aan in Spanje (58 569), Griekenland (32 497) en Italië (23 370).  

Als je in rekening neemt dat er meer dan 500 miljoen mensen wonen in de EU, en dat vergelijkt met het aantal vluchtelingen en migranten in Afrika en Azië, dan kan je moeilijk spreken van een “golf”. Ook al willen sommigen ons dat graag laten geloven.

Recente beleidskeuzes, in het bijzonder van Italië, hebben geleid tot de terugkeer van de zogenaamde “spookschepen” die Italië ongedetecteerd bereiken, en hebben het waarschijnlijker gemaakt dat schipbreuken en pullback-operaties naar Libië niet geregistreerd worden. Maar er bestaat geen twijfel dat het aantal oversteken gekelderd is, voornamelijk als gevolg van de outsourcing aan de Libische kustwacht sinds 2017.  

Ondanks de feiten blijven een aantal regeringen er op hameren dat Europa een “crisis” ondergaat en dat migranten en vluchtelingen, net als mensen die hen helpen op zee, een bedreiging vormen voor Europa.

Verdeeldheid zaaien en haat aanwakkeren tegen vreemdelingen, het visueel opvoeren van reddingsoperaties op zee – terwijl de meeste mensen gewoon over land en met het vliegtuig toekomen – en de EU de schuld geven terwijl het nationale overheden zijn die de problemen creëren, is een vaak gehanteerde strategie voor politici die liever stemmen ronselen dan oplossingen zoeken. Mannen, vrouwen en kinderen in nood die achterblijven en lijden op zee, zijn slechts pionnen in hun politieke spel.

Wat is dan de oplossing? 

© Chris Grodotzki/Sea-Watch

Om zo’n complexe situatie op te lossen, moeten Europese lidstaten samen werken aan een gemeenschappelijke oplossing die werkt voor alle lidstaten. En belangrijker: aan een oplossing die werkt voor mensen.

Als Europese leiders willen dat minder mensen proberen om Europa op irreguliere wijze te bereiken, moeten ze veilige en legale mogelijkheden aanbieden om in Europa asiel aan te vragen, werk te zoeken, of herenigd te worden met familie. Dit betekent niet het einde van grenscontroles, maar een uitbreiding van veilige en legale toegang, en een beter gecontroleerd migratiebeleid.

Natuurlijk zullen sommigen nog steeds de oversteek wagen in gammele bootjes. Europa moet dus een mechanisme op poten zetten om hierop te reageren. Dit houdt in dat er voldoende reddingsschepen moeten zijn, maar ook een snel en betrouwbaar ontschepingsmechanisme in lijn met internationaal recht, en een eerlijk systeem om de verantwoordelijkheid voor asielzoekers te verdelen tussen de Europese lidstaten.  

In de samenwerking tussen Europese overheden en de Libische autoriteiten om het land te stabiliseren, moet de nadruk liggen op de bescherming van mensenrechten, met inbegrip van de rechten van vluchtelingen en migranten. Europese steun aan Libië moet bijdragen tot een einde aan de detentie van vluchtelingen en migranten, de onmiddellijke vrijlating van iedereen uit arbitraire detentie, en de hervestiging van vluchtelingen naar veilige landen.

We kunnen beter doen

Een baby lacht op weg naar Italië tijdens een reddingsoperatie vlakbij de Libische kust in 2016. © Andreas Solaro/AFP/Getty Images

Zoals de EU Commissaris voor Migratie, Binnenlandse Zaken en Burgerschap, Dimitris Avramopoulos, zei na het Sea-Watch/Sea-Eye debacle:

“Dit was niet Europa’s beste moment… De Europese Unie staat voor menselijke waarden en solidariteit. Als menselijke waarden en solidariteit niet hoog gehouden worden, is Europa niet langer Europa.”  

Het lijkt misschien alsof het tijdperk van dat “andere” Europa al is aangebroken. Maar de meerderheid van de Europeanen geloven nog steeds in mensenrechten en solidariteit, en beleidsmaatregels die mensen tegen elke kost willen tegenhouden genieten niet zo’n wijde steun als hun voorstanders ons willen doen geloven.

We moeten verder kijken dan de retoriek die vluchtelingen, migranten en de mensen die hen helpen demoniseert, puur voor electorale doeleinden. Vele Europeanen geloven in het redden van mensenlevens op zee, willen een rechtvaardig asielsysteem en een rechtvaardig migratiebeleid, en willen dat de rechten van mensen die naar Europa migreren gerespecteerd worden.

Er is geen eenvoudige oplossing. Maar net omwille van de complexiteit van de situatie, moeten politici een einde maken aan de bangmakerij, en werken aan een geloofwaardig, effectief, humaan en realistisch beleid, dat mensenrechten respecteert – in de plaats van ze af te bouwen.