Belgisch actieplan “Ondernemen en mensenrechten” – nog werk aan de winkel!

Belgisch actieplan “Ondernemen en mensenrechten” – nog werk aan de winkel!

Ondernemingen spelen in onze geglobaliseerde samenleving een belangrijke maatschappelijke rol en het is duidelijk dat bedrijven een impact hebben op mensenrechten die zowel positief als negatief kan zijn. Amnesty International benadrukt dat ondernemingen in dat verband inspanningen moeten leveren om te voorkomen dat zij negatieve impact hebben op de mensenrechten.

Daarom benadrukt de organisatie onder meer het belang van de ‘Richtlijnen inzake ondernemingen en mensenrechten’ van de VN Mensenrechtenraad (2011) waarin de verantwoordelijkheid van zowel overheden als ondernemingen ter zake verduidelijkt worden. Om de tenuitvoerlegging van de VN Richtlijnen te bevorderen, worden de landen reeds sinds 2013 opgeroepen om een nationaal actieplan op te stellen waarin zij zich verbinden tot concrete actiemaatregelen.

Na 4 jaar werk en intensief overleg tussen de federale en gewestelijke regeringen en departementen en met diverse externe betrokkenen, is er nu uiteindelijk een Belgisch ‘Nationaal Actieplan Ondernemingen en Mensenrechten’ waarin de overheid 33 actiepunten voorstelt.

Amnesty International verwelkomt het Nationaal Actieplan als een belangrijke en noodzakelijke stap in de tenuitvoerlegging van de VN Richtlijnen inzake ondernemingen en mensenrechten, maar betreurt dat het plan niet aan de gespannen verwachtingen voldoet, laat staan dat België hiermee zijn ambities als ‘voortrekker’ in het dossier rond ondernemingen en mensenrechten waarmaakt.

Amnesty’s persbericht vindt u HIER, we onderschreven ook een gezamenlijke respons met andere middenveldorganisaties. 

Het proces

België is één van de zeventien landen, wereldwijd, die een NAP ingediend hebben (overigens zijn dertien van de zeventien EU-landen, wat opmerkelijk is). Aan overheidszijde waren een groot aantal relevante ministeries betrokken via een interministeriële werkgroep. Het Federale Instituut voor Duurzame Ontwikkeling en Buitenlandse Zaken waren de drijvende krachten achter het NAP.  

Net als in de meeste landen werd de civiele samenleving geconsulteerd, maar slechts in 5 landen konden de stakeholders commentaar geven op de ontwerptekst. België was bij die landen en Amnesty International apprecieert die openheid vanwege de overheid.

Amnesty International heeft actief meegewerkt aan de consultaties. Je kan de geschreven bijdrages hier terugvinden.

Geen wetgevende initiatieven

In twee actiepunten wordt de ratificatie van enkele ILO-conventies in het vooruitzicht gesteld, die België nog niet onderschreven heeft. Maar dat is – helaas – niet genoeg.

Zoals blijkt uit het Nationaal Actieplan, is de Belgische overheid niet meteen zinnens om wetgevende initiatieven te nemen om van het opnemen van verantwoordelijkheid over mensenrechten door ondernemingen een verplichting te maken.

Het meest jammere voorbeeld betreft de zorgplicht van ondernemingen – de plicht om er redelijkerwijze op toe te zien dat mensenrechten worden gerespecteerd binnen de bedrijfsactiviteiten, met inbegrip van de toeleveringsketens en daarover te communiceren. In plaats van het debat aan te gaan over een mogelijke wettelijke verankering van die zorgplicht – iets waar andere landen, zoals Nederland en Italië, zich wel toe bereid hebben verklaard in hun nationaal actieplan – laat België de verantwoordelijkheid volledig over aan de ondernemingen zelf, als onderdeel van hun deugdelijk bestuur (‘corporate governance’). In een eerdere versie van het Nationaal Actieplan had de overheid dit nochtans wel overwogen, maar de betrokken passages werden geschrapt in het definitieve plan.

Zelfs wat de verslaggevingsplicht van ondernemingen betreft – de meest elementaire verplichting die ertoe kan bijdragen dat ondernemingen mensenrechten meer en beter respecteren – blijft België steken bij het louter toepassen van de bestaande Europese regelgeving. Daarbuiten verbindt de overheid er zich enkel toe maatschappelijke verslaggeving te ‘bevorderen’, maar dus niet wettelijk verplicht te stellen.

De overheid als economische actor

Via overheidsopdrachten, publiek private samenwerkingen, economische missies en op tal van andere manieren, heeft de overheid een belangrijke impact op de economie. Het is opmerkelijk dat het Nationaal Actieplan maar schoorvoetend hun eigen huishouding willen op orde krijgen. Voor Amnesty International staat het als een paal boven water dat publieke middelen (denk overheidsopdrachten maar ook diplomatieke steun of deelname aan handelsmissies) afhankelijk moet worden gemaakt van de bewezen aanwezigheid van een goed ‘due diligence’ programma binnen de bedrijven die er willen van profiteren. Het plan stelt informatie-uitwisseling, sensibilisering, onderzoek en discussies in het vooruitzicht – maar daar blijft het bij. Eén vermeldenswaardige uitzondering zijn proefprojecten van de Vlaamse overheid inzake overheidsopdrachten waar de geloofwaardigheid van claims over mensenrechten door deelnemende bedrijven zou worden nagegaan.

Geen uitvoeringsplan

De actiepunten gaan meestal niet gepaard met een duidelijk tijdskader, noch met een baseline. Voor sommige actiepunten is zelfs het concreet beoogde resultaat niet geïdentificeerd. De vraag is dan hoe de implementatie van het plan goed geëvalueerd kan worden. De evaluatie is voorzien binnen drie jaar maar het staat nog niet vast hoe dat zal verlopen en wat de rol van de stakeholders zal zijn bij de uitvoering van de plannen.

Geen ambitie

België claimt als ‘voortrekker’ te (willen) handelen maar voegt de daad niet bij het woord. Het merendeel van de 33 actiepunten heeft betrekking op ofwel reeds bestaande initiatieven ofwel maatregelen om te informeren en te sensibiliseren. Door het Nationaal Actieplan samen te voegen met het plan voor Maatschappelijk Ondernemen heeft de overheid het spel slim willen spelen, want zo valt veel minder op dat het Plan als uitvoering van de VN Richtlijnen maar magertjes uitvalt. De bezorgdheid van de overheid om, zoals het Nationaal Actieplan zelf aangeeft, de administratieve last van ondernemingen niet te verzwaren, heeft duidelijk de overhand genomen op de ambitie om de VN Richtlijnen op een deugdelijke wijze te vertalen in doeltreffende (wettelijke) maatregelen.

Om echt een voortrekker te worden is er nog veel werk aan de winkel.