Iran: laat Belgische NGO-medewerker vrij

Iran: laat Belgische NGO-medewerker vrij

De Iraanse autoriteiten onderwerpen de Belgische ngo-medewerker Olivier Vandecasteele aan gedwongen verdwijning, foltering en andere mishandeling. Hij zit in eenzame opsluiting in een ondergrondse cel zonder raam en krijgt geen toegang tot adequate gezondheidszorg en frisse lucht. Op 10 januari 2023 rapporteerden Iraanse staatsmedia dat hij was veroordeeld tot 40 jaar gevangenisstraf en 74 zweepslagen. Er zijn aanwijzingen dat de Iraanse autoriteiten hem als gijzelaar vasthouden.  

Eis dat de Iraanse autoriteiten Olivier Vandecasteele onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij laten.

 

achtergrondinformatie

Olivier Vandecasteele is een Belgische ngo-medewerker die vele jaren in het buitenland heeft gewerkt. Van 2015 tot 2021 werkte hij onder meer voor de Norwegian Refugee Council en Relief International. Volgens zijn familie keerde hij in mei 2021 terug naar België en ging hij in februari 2022 terug naar Iran om er zijn spullen op te halen. Nadat hij tijdens deze reis in Teheran was gearresteerd, werd hij overgebracht naar de Evin-gevangenis, waar hij drie maanden lang werd ondervraagd zonder toegang tot een advocaat. Al die tijd stelden de gevangenisautoriteiten hem bloot aan extreme kou en ongemak omdat hij geen sokken of schoenen mocht dragen. Tijdens de weinige, korte telefoontjes – vermoedelijk in aanwezigheid van inlichtingenagenten – vernam zijn familie dat Olivier Vandecasteele sinds zijn overbrenging naar een onbekende locatie in augustus 2022, slechts 15 minuten per dag uit zijn isoleercel mag. Hij kan dan alleen op een binnenplaats lopen.

Voor consulaire bijstand wordt hij geblinddoekt en tijdelijk overgebracht naar de Evin-gevangenis. Hij lijdt ernstig onder de omstandigheden van zijn detentie en isolement. Hij vertelde zijn familie dat hij sinds zijn arrestatie 25 kg is afgevallen en dat zijn teennagels zijn uitgevallen, waardoor hij zich ernstig zorgen maakt over zijn gezondheid. Later hoorde zijn familie dat hij bloedblaren op zijn tenen had en tand- en maagproblemen heeft. Olivier Vandecasteele is één keer naar een tandarts gebracht die hem zei dat hij vervolgonderzoek nodig had. Daar moeten de autoriteiten nog altijd voor zorgen. Ook krijgt hij geen voedzaam voedsel, noch fruit of groenten.  

Uit protest tegen zijn aanhoudende arbitraire detentie begon Olivier Vandecasteele op 15 november 2022 een hongerstaking die duurde tot begin december 2022. Tijdens een consulaire vergadering op 28 november 2022 maakte hij bekend dat hij voor de rechtbank was gedaagd zonder onafhankelijke advocaat van eigen keuze. In de rechtbank vroeg hij of er een vertegenwoordiger van het Belgische consulaat aanwezig mocht zijn, waarop de rechter antwoordde: "Die wil niet komen." Olivier Vandecasteele zei dat hij vervolgens werd veroordeeld voor de aanklachten waarvan hij beschuldigd werd. Op 13 december 2022 lieten de Belgische premier en de minister van Justitie de familie van Olivier Vandecasteele weten, dat ze hadden vernomen dat hij veroordeeld was tot 28 jaar gevangenisstraf.

In de daaropvolgende telefoontjes naar zijn familie vertelde Vandecasteele dat de Iraanse autoriteiten hem half december 2022 voor de tweede keer voor de rechter hadden geleid. Dat gebeurde geboeid aan handen en voeten. Hij dacht dat het enige doel van die sessie was dat de procedure zou worden gefilmd, want hij had gezien dat er een camera- en filmploeg aanwezig waren in de rechtbank. De advocaat van zijn eigen keuze krijgt nog steeds geen toegang tot zijn dossier en veroordeling, en zijn familie heeft begrepen dat de door de Iraanse regering aangestelde advocaat, die hij van de autoriteiten moest aanvaarden, geen beroep heeft aangetekend tegen de veroordeling en het vonnis.   

De arbitraire arrestatie van Olivier Vandecasteele kadert in de goed gedocumenteerde werkwijze van de Iraanse autoriteiten om buitenlandse onderdanen en mensen met een dubbele nationaliteit willekeurig vast te houden als drukmiddel. Dit werd benadrukt door de speciale VN-rapporteur voor de situatie van de mensenrechten in Iran, in een rapport van juli 2022, en door de VN-werkgroep inzake arbitraire detentie. Na verklaringen van de Belgische minister van Justitie op 14 december 2022 dat de arrestatie van Olivier Vandecasteele een direct gevolg was van de veroordeling van Asadollah Assadi nam de bezorgdheid toe dat Olivier Vandecasteele wordt vastgehouden om de Belgische autoriteiten te dwingen tot een gevangenenruil. Assadi is een voormalige Iraanse diplomaat die in België een gevangenisstraf van 20 jaar uitzit voor zijn rol in een verijdelde bomaanslag op een rally in Frankrijk in 2018.

Amnesty International kwam ook te weten dat Iraanse functionarissen Olivier Vandecasteele in 2022 bij verschillende gelegenheden privé vertelden dat België "niet genoeg opschoot" met een bilateraal verdrag tussen Iran en België, waardoor de overbrenging van gevonniste personen naar hun thuisland mogelijk zou worden. Het verdrag werd in juli 2022 door het Belgische parlement aangenomen. Het bilaterale verdrag tussen België en Iran werd afgerond in een context waarin, volgens publieke opmerkingen van de Belgische autoriteiten en berichten in de media, de Iraanse autoriteiten probeerden een "deal" met België te sluiten om in Iran willekeurig vastgehouden buitenlanders en mensen met een dubbele nationaliteit uit te wisselen. Op 18 december 2022, vijf dagen nadat de Belgische regering de familie van Olivier Vandecasteele op de hoogte had gebracht van zijn veroordeling en het vonnis, kwam er officieel bericht dat alle Belgische onderdanen in Iran aanmaande het land te verlaten omdat ze een "hoog risico op arrestatie, arbitraire detentie en een oneerlijk proces" liepen. De Iraanse autoriteiten hebben regelmatig gedetineerde buitenlanders en mensen met een dubbele nationaliteit als drukkingsmiddel  gebruikt en vastgehouden. Amnesty International heeft er herhaaldelijk bij alle staten waarvan de onderdanen in Iran gedetineerd zijn of geweest zijn, op aangedrongen om onmiddellijk te onderzoeken of de vrijheidsberoving neerkomt op een daad van gijzeling, en zo ja, om alle passende maatregelen te nemen om straffeloosheid hiervoor tegen te gaan. Krachtens het Internationaal Verdrag tegen het nemen van gijzelaars verwijst het misdrijf gijzeling naar het onder bedreiging gijzelen of gevangennemen van een persoon om hem of haar schade toe te brengen, onder andere door hem te doden, te verwonden of vast te houden, teneinde een derde partij, zoals een staat, te dwingen handelingen te verrichten of na te laten als expliciete of impliciete voorwaarde voor de vrijlating van de gijzelaar. Het internationaal recht vereist niet dat de voorwaarden die aan de vrijlating van een gedetineerde zijn verbonden, expliciet zijn uitgesproken om de detentie als een misdrijf van gijzeling te beschouwen. 

STUUR EEN OPROEP NAAR: 

Ambassade van Iran
Gholamhossein Mohseni Ejei 
Franklin Rooseveltlaan15
1050 Brussel, België

Ontvang de schrijfacties per e-mail

   

hier niet op duwen