Tijd is een luxe die Ahmed Samir Santawy niet heeft

Tijd is een luxe die Ahmed Samir Santawy niet heeft

Persbericht

De gezondheidstoestand van Ahmed Samir Santawy baart Amnesty International ernstige zorgen. De Egyptische masterstudent ging in hongerstaking tegen zijn veroordeling van 4 jaar gevangenisstraf voor het publiceren van ‘nepnieuws’. Hij eet al drie weken lang niet en drinkt enkel water. Sinds de start van zijn hongerstaking brengt Ahmed zijn dagen alleen door. 

“Zijn familie heeft nu al 10 dagen geen enkel nieuws van hem ontvangen. Elke communicatie, ook via briefuitwisseling of telefoon, wordt geweigerd. Het is voor zijn ouders en Gentse partner Souheila ondraaglijk om in het ongewisse te zijn over de gezondheidstoestand van hun geliefde,” aldus Wies De Graeve, directeur van Amnesty International Vlaanderen.

Ahmed werd veroordeeld omdat hij een aantal posts op sociale media gedeeld zou hebben waarin mensenrechtenschendingen in Egypte aangekaart worden en er kritiek geuit wordt over het beleid van de Egyptische regering. Hij ontkent deze posts geschreven te hebben. 

‘Mensenrechtenverbeteringen vragen tijd’

Net deze week brengt de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken Sameh Shoukry een bezoek aan de EU-instellingen. Op 13 juli stond ook een bilaterale ontmoeting met minister van Buitenlandse Zaken Sophie Wilmès op het programma. Tijdens hun ontmoeting zou gesproken zijn over Ahmeds situatie, zo vermeldde de vice-eersteminister aan de Kamer, en ook nog dat mensenrechtenverbeteringen tijd vragen en een ‘work in progress’ vormen voor het Noord-Afrikaanse land. 

“Ahmed Samir heeft niet de luxe te wachten tot de mensenrechtensituatie in Egypte verbetert,” aldus De Graeve, “vandaag markeerde de 21e dag van zijn hongerstaking, die hij startte nadat hij te horen kreeg dat hij 4 jaar celstraf zou moeten uitzitten. Ahmeds boodschap is duidelijk: ‘Ik ben geen crimineel. Of ik kom vrij, of ik sterf.’”

Het moment dat Ahmed zijn hongerstaking aanvatte, werd hij geïsoleerd van zijn celgenoten. Hij brengt zijn dagen alleen door in een cel waar hij één of twee keer per dag door een dokter of verpleger wordt bezocht. 

In maart van dit jaar – voor de veroordeling van Ahmed Samir Santawy – was er in de VN-Mensenrechtenraad nog een helder statement  waarin 31 staten, waaronder België, de verslechterende mensenrechtensituatie in Egypte laakten en expliciet bekritiseerden hoe Egypte terreurwetgeving misbruikt om activisten, journalisten en LGBTI-mensen op te sluiten en het zwijgen op te leggen.  mensen op te sluiten en het zwijgen op te leggen.  

“Het narratief dat ‘mensenrechten tijd vragen’ staat in schril contrast met die duidelijke stellingname en met de dagelijkse realiteit die Ahmed Samir, en met hem de honderden andere mensenrechtenverdedigers, -activisten, vreedzame demonstraten, onderzoekers en academici, beleven.” 

Achtergrond

Ahmed Samir is masterstudent sociologie en antropologie aan de Centraal Europese Universiteit in Wenen. Op 15 december 2020 reisde Ahmed van Oostenrijk naar Egypte voor zijn jaarlijkse vakantie bij vrienden en familie. Hij bleef langer dan voorzien omdat alle lessen online plaatsvonden wegens de coronapandemie. Op 23 januari 2021 in het midden van de nacht vielen gemaskerde en zwaarbewapende agenten zonder huiszoekingsbevel het ouderlijk huis van Ahmed binnen. Ahmed was er op dat moment niet. Zijn vader en broer werden ondervraagd en duidelijk gemaakt dat Ahmed zich moest melden op het politiekantoor.

Op 1 februari meldde Ahmed zich vrijwillig aan, waarop hij aangehouden werd. Ahmed was gedurende 5 dagen het slachtoffer van gedwongen verdwijning en zegt tijdens ondervragingen geblinddoekt, geslagen en geschopt te zijn. Pas op 6 februari kwam Ahmed Samir terug op de radar toen hij moest verschijnen voor de Hoge Aanklager voor Staatsveiligheid (de SSSP).

De autoriteiten vragen hem in eerste instantie vooral naar zijn academisch onderzoekswerk over islam, vrouwenrechten en abortus. Ze bevragen hem ook over een Facebook-groep die kritisch staat tegenover de Egyptische overheid.

Ahmed en zijn verloofde Souheila waren van plan binnenkort naar Gent te verhuizen en er te trouwen. Ze leerden elkaar kennen in Egypte toen Souheila daar tijdelijk met haar moeder en zussen woonde van haar 10e tot 25e levensjaar. 

Op 22 juni werd Ahmed Samir veroordeeld door een Noodrechtbank voor Staatsveiligheid. Een celstraf van 4 jaar waartegen geen beroep kan aangetekend worden. Enkel de Egyptische president Abdel Fatah al-Sisi is gemachtigd deze straf in te trekken of om te zetten.

Op 23 juni startte Ahmed zijn hongerstaking, waardoor hij meteen geïsoleerd werd van zijn celgenoten en in een aparte cel binnen het gevangeniscomplex werd opgesloten. 

Op 3 juli kon Ahmeds vader zijn zoon bezoeken. Zowel zijn mentale als fysieke gezondheid was toen slecht. Sinds dat bezoek is er geen contact meer en dus ook geen informatie over zijn gezondheidstoestand. Er gingen in het verleden al vaker mensen in hongerstaking in Egypte om de druk op de autoriteiten op te voeren. In sommige gevallen liep het goed af, maar het kostte ook minstens een persoon het leven.

De aanhouding en veroordeling van Ahmed gebeurt tegen de achtergrond van een ongeziene repressie in Egypte tegen elke dissidente stem en tegen het recht op vrijheid van meningsuiting, vereniging en vreedzame samenkomst.

hier niet op duwen