Syrië: vluchtelingen gefolterd, verkracht of verdwenen na terugkeer

Syrië: vluchtelingen gefolterd, verkracht of verdwenen na terugkeer

Rapport

Syrische veiligheidstroepen hebben Syrische vluchtelingen die naar huis terugkeerden onrechtmatig vastgezet, gefolterd, verkracht en gedwongen laten verdwijnen. Tientallen Syriërs delen hun schokkende verhalen in een nieuw rapport van Amnesty International.

In het rapport 'You’re going to your death' staan getuigenissen van gruwelijke mensenrechtenschendingen door de Syrische inlichtingendiensten van 66 teruggekeerde vluchtelingen, onder wie 13 kinderen. Zeker vijf mensen zijn in gevangenschap gestorven en van 17 mensen die gedwongen verdwenen, is het lot onbekend.

Nu een aantal landen, zoals Denemarken, Zweden en Turkije, de bescherming van Syrische vluchtelingen beperkt en druk op hen uitoefent om terug te keren naar Syrië, toont dit rapport het schrijnende bewijs dat geen enkel deel van Syrië veilig is om naar terug te keren.

Mensen die naar Syrië waren teruggekeerd vertelden Amnesty International dat inlichtingenofficieren hen beschuldigden van landverraad of “terrorisme”, simpelweg omdat zij het land waren ontvlucht.

'Mensenrechtenschendingen gaan door'

‘De militaire vijandelijkheden zijn misschien afgenomen, maar de neiging van de Syrische regering tot grove mensenrechtenschendingen niet’, zegt Marie Forestier, vluchtelingenonderzoeker bij Amnesty International. ‘De folteringen, gedwongen verdwijningen en willekeurige of onwettige detenties die veel Syriërs dwongen om asiel aan te vragen in het buitenland, komen vandaag de dag nog steeds vaak voor. Bovendien is het feit alleen al uit Syrië te zijn gevlucht, genoeg risico om doelwit te worden van de autoriteiten.’

‘Een regering die beweert dat Syrië nu veilig is, negeert opzettelijk de gruwelijke realiteit ter plekke, waardoor vluchtelingen opnieuw voor hun leven moeten vrezen’, zegt Marie Forestier. ‘We dringen er bij alle Europese regeringen op aan om een officiële vluchtelingenstatus toe te kennen aan alle mensen uit Syrië en onmiddellijk een einde te maken aan praktijken die mensen direct of indirect dwingen om terug te keren. De regeringen van Libanon, Turkije en Jordanië moeten Syrische vluchtelingen beschermen tegen uitzetting of andere vormen van gedwongen terugkeer, in overeenstemming met hun internationale verplichtingen.’

Het rapport van Amnesty International documenteert ernstige mensenrechtenschendingen van vluchtelingen door de Syrische regering tussen medio 2017 en voorjaar 2021, op basis van interviews met 41 Syriërs, inclusief mensen die terugkeerden en hun familieleden en vrienden, evenals advocaten, humanitaire hulpverleners en Syrië-deskundigen. De Syriërs waren teruggekeerd uit Libanon, Rukban (een informele nederzetting van ontheemden tussen de Syrische en Jordaanse grens), Frankrijk, Duitsland, Turkije, Jordanië en de Verenigde Arabische Emiraten.

Doelwit vanwege vlucht uit het land

De autoriteiten richten hun pijlen doelbewust op terugkeerders naar Syrië en beschuldigen hen van landverraad of “terrorisme”. Amnesty tekende 24 gevallen op waarbij mannen, vrouwen en kinderen omwille van zo’n beschuldigingen werden onderworpen aan mensenrechtenschendingen, zoals verkrachting of andere vormen van seksueel geweld, willekeurige of onwettige detentie, foltering of andere vormen van mishandeling. In sommige gevallen waren de terugkeerders alleen maar doelwit omdat ze afkomstig waren uit delen van Syrië die onder controle van de oppositie stonden.

Zo arresteerden leden van de veiligheidsdienst Karim* vier dagen nadat hij uit Libanon was teruggekeerd naar zijn dorp in de provincie Homs. Karim vertelde over een verhoor dat plaatsvond tijdens zijn detentie van zes en een halve maand:

‘[Een officier] zei: “Je kwam terug om het land kapot te maken en af ​​te maken waar je aan begon voordat je vertrok.' Ik zei dat ik naar mijn thuisland, naar mijn dorp was gekomen. Maar zij zeiden dat ik een terrorist ben omdat ik uit [een bekend pro-oppositiedorp] kom.’

Karim vertelde Amnesty International dat hij tijdens zijn detentie werd gefolterd:

‘Na mijn vrijlating wilde ik vijf maanden lang niemand zien die me opzocht. Ik was te bang om met iemand te praten. Ik had nachtmerries, hallucinaties en praatte tijdens mijn slaap. Ik werd huilend en bang wakker. Ik ben nu gehandicapt omdat de zenuwen van mijn rechterhand beschadigd zijn door [foltering]. Sommige ruggenwervels zijn ook beschadigd.’

Seksueel geweld

De straffen voor wie door de regering wordt verdacht van terrorisme of landverraad, zijn wreed. Amnesty International hoorde van 14 gevallen van seksueel geweld gepleegd door veiligheidstroepen. Zeven keer ging het om verkrachting: vijf vrouwen, een tienerjongen en zelfs een vijfjarig meisje. Seksueel geweld vond plaats bij grensovergangen of in detentiecentra tijdens verhoor. De getuigenissen komen overeen met goed gedocumenteerde patronen van seksueel geweld en verkrachting van burgers en gevangenen door pro-regeringstroepen tijdens het Syrische conflict.

Toen Noor* terugkeerde uit Libanon werd ze aan de grens tegengehouden door een veiligheidsbeambte die zei:

“Waarom ben je uit Syrië vertrokken? Omdat je (president) Bashar al-Assad niet mag en niet van Syrië houdt? Je bent een terrorist…Syrië is geen hotel waar je weggaat en naar terugkeert wanneer je maar wilt.” De officier verkrachtte vervolgens Noor en haar vijfjarige dochtertje in een kleine kamer die werd gebruikt voor ondervraging bij de grensovergang.

Yasmin* keerde terug uit Libanon met haar tienerzoon en driejarige dochtertje. Veiligheidstroepen arresteerden hen onmiddellijk bij de grensovergang en beschuldigden Yasmin van spionage voor een vreemd land. Yasmin en haar kinderen werden overgebracht naar een detentiecentrum van de inlichtingendienst, waar ze 29 uur werden vastgehouden. Inlichtingendiensten verkrachtten Yasmin en namen haar zoon mee naar een andere kamer waar ze hem met een voorwerp verkrachtten.

De agent die Yasmin verkrachtte, zei:

“Dit is om u welkom te heten in uw land. Als je weer uit Syrië vertrekt en nogmaals terugkomt, zullen we je op een nog grootsere manier verwelkomen. We willen jou en je zoon vernederen. Je zult [deze] vernedering je leven lang niet vergeten.”

Sommige families kozen er bewust voor om vrouwen eerst naar Syrië terug te laten keren, voor hun echtgenoten uit, in de veronderstelling dat ze minder snel gearresteerd zouden worden dan mannen – onder meer omdat vrouwen geen militaire dienstplicht hebben.

Amnesty International documenteerde echter de willekeurige of onwettige detentie van 13 vrouwen, van wie sommigen werden ondervraagd over hun mannelijke familieleden. Ook werden tien kinderen tussen de drie weken oud en 16 jaar oud vastgezet, die samen met hun moeders werden gearresteerd. Veiligheidstroepen onderwierpen vijf kinderen aan foltering en andere mishandeling. Vrouwen lopen bij hun terugkeer naar Syrië evenveel risico als mannen en zouden daarom hetzelfde beschermingsniveau moeten krijgen.

Foltering en gedwongen verdwijning

In totaal heeft Amnesty International 59 gevallen vastgelegd van mannen, vrouwen en kinderen die willekeurig werden vastgehouden na terugkeer naar Syrië, meestal na brede beschuldigingen van “terrorisme”. In 33 gevallen werden de terugkeerders tijdens detentie of ondervraging onderworpen aan foltering of andere vormen van mishandeling. Inlichtingendiensten gebruikten foltering om gedetineerden te dwingen vermeende misdaden te bekennen, om hen te straffen voor het plegen van vermeende misdaden of om hen te straffen voor vermeende oppositie tegen de regering.

Yasin* werd gearresteerd bij een controlepost net nadat hij de grens met Libanon was overgestoken en bracht vier maanden in de gevangenis door. Hij zei:

“Ik weet niet hoeveel tijd ik in deze kamer heb doorgebracht met folteringen […] Soms, als [een agent] me sloeg, telde ik elke klap. Soms telde ik tot 50 of 60 en viel ik flauw. Eenmaal telde ik tot 100.”

Ismael*, die gedurende drie en een halve maand in vier verschillende inlichtingencentra werd vastgehouden, zei:

“Ze elektrocuteerden me tussen de ogen. Ik voelde dat mijn hele brein trilde[…] Ik wenste dat ik dood zou gaan. Ik wist niet of het ochtend of nacht was. Ik kon niet meer op mijn benen staan, zelfs niet om naar het verhoor te gaan. Ze moesten me vasthouden om me daarheen te brengen en terug te brengen."

Amnesty registreerde 27 gevallen van gedwongen verdwijning. In vijf gevallen lieten de autoriteiten de families weten dat hun verdwenen familieleden in hechtenis waren overleden; vijf werden uiteindelijk vrijgelaten; het lot van de andere 17 mensen blijft onbekend.

Ola*, die in 2019 met haar broer terugkeerde uit Libanon, zei dat veiligheidstroepen haar broer bij de grensovergang hadden gearresteerd. In de weken erna bezochten ze Ola ook bij haar thuis en ondervroegen haar over haar redenen voor vertrek en terugkeer naar Syrië. ‘Ze zien ons als terroristen omdat we naar Libanon zijn vertrokken’, zei Ola. Vijf maanden later lieten de autoriteiten Ola's familie weten dat haar broer in detentie was overleden.

Ibrahim* vertelde Amnesty dat zijn neef, samen met zijn vrouw en hun drie jonge kinderen van 2, 4 en 8 jaar oud, was gearresteerd bij zijn terugkeer uit Frankrijk in 2019. Op het moment van schrijven is het gezin al twee jaar en acht maanden niet terecht en daarmee gedwongen verdwenen.

Amnesty documenteerde 27 gevallen waarin terugkeerders werden vastgehouden als afpersingsmiddel, waarbij families gemiddeld tussen de 3 en 5 miljoen Syrische ponden (het equivalent van 1.200 tot 27.000 dollar) betaalden voor de vrijlating van hun familieleden.

Geen enkel deel van Syrië is veilig

De gevechten in Syrië zijn de afgelopen drie jaar aanzienlijk afgenomen, de Syrische regering heeft nu meer dan 70% van het land in handen. De Syrische autoriteiten hebben vluchtelingen daarom in de afgelopen jaren publiekelijk aangemoedigd om naar huis terug te keren, terwijl verschillende gastlanden juist de bescherming die zij mensen uit Syrië bieden, zijn gaan heroverwegen. In Libanon en Turkije, waar veel vluchtelingen te maken hebben met erbarmelijke levensomstandigheden en discriminatie, zetten de regeringen de Syriërs steeds meer onder druk om terug te keren.

In Europa hebben Denemarken en Zweden de verblijfsvergunningen van asielzoekers die afkomstig zijn uit regio's die zij veilig achten voor terugkeer, waaronder Damascus en de omliggende regio, herzien. Het is daarom van belang te weten dat een derde van de gevallen die in dit rapport worden gedocumenteerd, betrekking heeft op mensenrechtenschendingen die hebben plaatsgevonden in Damascus of het gebied rond Damascus.

Op basis van de bevindingen in zijn rapport concludeert Amnesty International dat geen enkel deel van Syrië veilig is om naar terug te keren. Bovendien lopen mensen die Syrië hebben verlaten een reëel risico op vervolging bij terugkeer, vanwege aannames over hun politieke opvattingen of gewoon als straf voor het ontvluchten van het land.

Amnesty's oproep

‘De regering-Assad heeft geprobeerd om Syrië naar de buitenwereld te presenteren als een land in herstel. De realiteit is dat de Syrische autoriteiten nog steeds de wijdverbreide en systematische mensenrechtenschendingen plegen die ertoe hebben bijgedragen dat miljoenen mensen veiligheid zochten in het buitenland’, zei Marie Forestier.

‘We roepen de Syrische autoriteiten op om de bescherming van mensen die terugkeren te waarborgen en een einde te maken aan de mensenrechtenschendingen tegen hen. De regering moet de eerbiediging, bescherming en naleving van de mensenrechten van alle mensen in Syrië waarborgen. Landen die Syrische vluchtelingen opvangen, moeten hun toevlucht blijven bieden en blijvende bescherming bieden tegen de wreedheden van de Syrische regering.’

*Alle namen in dit rapport zijn uit veiligheidsoverwegingen veranderd.