Saudi-Arabië moet onafhankelijke waarnemers toelaten na nieuwe folterklachten

Saudi-Arabië moet onafhankelijke waarnemers toelaten na nieuwe folterklachten

Persbericht

Amnesty International heeft nieuwe meldingen ontvangen over folterpraktijken tegen een groep Saudische mensenrechtenactivisten. De activisten zitten sinds mei 2018 in willekeurige hechtenis.

De getuigenverklaringen komen overeen met eerdere folterberichten die in november 2018 naar boven kwamen. Ze onderstrepen hoe belangrijk het is om snel onafhankelijke waarnemers toe te laten tot de Saudische detentiecentra.

Volgens de nieuwe getuigenissen werden tien mensenrechtenverdedigers gefolterd, seksueel misbruikt en onderworpen aan andere vormen van mishandeling tijdens de eerste drie maanden van hun gevangenschap, toen ze werden vastgehouden in een officieuze gevangenis op een onbekende plaats.

Een ondervrager loog een vrouwelijke activiste voor dat haar familieleden gestorven waren; een hele maand lang werd ze in die waan gehouden. Volgens een ander bericht werden twee activisten gedwongen elkaar te kussen terwijl ondervragers toekeken. Een activiste meldde dat ondervragers water in haar mond goten terwijl ze aan het roepen was omdat ze werd gefolterd. Anderen lieten weten dat ze gemarteld werden met elektrische schokken.

“We zijn uiterst bezorgd over de gezondheid van deze activisten, die nu al ongeveer negen maanden in willekeurige hechtenis zitten, alleen maar omdat ze opkomen voor de mensenrechten”, zegt Lynn Maalouf, Amnesty’s onderzoeksdirecteur voor het Midden-Oosten.

“De Saudische autoriteiten hebben herhaaldelijk aangetoond dat ze niet bereid waren om gevangenen effectief te beschermen tegen foltering of om onpartijdige onderzoeken te laten uitvoeren naar folterklachten van gevangenen. Daarom roepen we Saudi-Arabië op om onafhankelijke controleorganen onmiddellijk en ongehinderd toegang te verlenen tot de opgesloten activisten.”

In november 2018 documenteerde Amnesty International ook al hoe verschillende activisten die sinds mei 2018 in arbitraire hechtenis zaten, onder wie een aantal vrouwen, bij herhaling werden gefolterd door middel van elektrische schokken en stokslagen, waarna sommigen niet goed meer konden stappen of rechtstaan. De nieuwe getuigenissen onthullen dat meer activisten uit deze groep onderworpen werden aan dit soort foltering.

In december 2018 schreef Amnesty International de autoriteiten van Saudi-Arabië aan met het verzoek om onafhankelijke controleorganen, waaronder internationale organisaties als Amnesty International of VN-mensenrechtenwaarnemers, toegang te verlenen tot de mensenrechtenactivisten. Maar een antwoord is er tot vandaag nog niet gekomen.

Nadat Amnesty International en anderen hadden bericht over de folterklachten en seksueel misbruik in november, veegde het Saudische ministerie van media de beweringen van tafel, door ze als “ongegrond” te bestempelen.

In december vernam Amnesty International dat de Saudische Mensenrechtencommissie (Human Rights Commission, HRC), die dicht bij de Saudische regering aanleunt, de opgesloten vrouwen had ontmoet en hen had gevraagd naar de klachten van foltering. Na het bezoek van de Mensenrechtencommissie zouden ook ambtenaren van het Saudische Openbaar Ministerie de opgesloten activisten hebben bezocht om de klachten van foltering te onderzoeken.

“We roepen de autoriteiten van Saudi-Arabië op alle mensenrechtenverdedigers die gevangen worden gehouden enkel omdat ze vreedzaam opkomen voor mensenrechten, onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten”, zegt Lynn Maalouf.

Amnesty International roept de autoriteiten ook op onafhankelijke controleurs toe te laten om deze klachten te onderzoeken, de feiten op een onpartijdige manier vast te stellen en de verantwoordelijken te identificeren.

Achtergrondinformatie

Verschillende activisten die in de repressiegolf van mei 2018 willekeurig werden opgesloten, onder wie vrouwelijke mensenrechtenverdedigers die werden gefolterd, seksueel misbruikt of op een andere manier werden mishandeld tijdens de eerste drie maanden van hun hechtenis, zitten nog steeds achter de tralies zonder enige aanklacht en zonder juridische bijstand.

In december werden sommige mensenrechtenverdedigers overgebracht van de gevangenis van Dhabhan in Jeddah, waar ze sinds augustus hadden gezeten, naar de Al Ha’ir-gevangenis in Riyad. Onder hen Loujain al-Hathloul, Eman al-Nafjan, Aziza al-Yousef, Shadan al-Anezi en Nouf Abdulaziz.

Samar Badawi en Amal al-Harbi zitten momenteel opgesloten in Dhabhan, in Jeddah. Nassima al-Sada, die ook sinds juni 2018 achter de tralies zit, wordt nu vastgehouden in de Mabahith-gevangenis in Dammam. Geen enkele van de mensenrechtenverdedigers is tot nu toe officieel in beschuldiging gesteld of naar de rechtbank verwezen voor een proces.

Bij de anderen die sinds de arrestatiegolf in mei 2018 in willekeurige hechtenis zitten zonder aanklacht zijn Abdulaziz al-Mish’al en Mohammad al-Rabe’a. Ook Mohammad al-Bajadi, mede-oprichter van de Saudische Vereniging voor Burgerlijke en Politieke Rechten, en Khalid al-Omeir, een activist die al een gevangenisstraf had uitgezeten wegens zijn mensenrechtenactivisme, blijven in hechtenis zonder enige aanklacht.

Activisten hebben de detentie gemeld van nog andere vrouwenrechtenactivisten en academici, zoals Mayaa al-Zahrani, dr. Abir Namankani, dr Ruqayyah al-Mharib en dr. Hatoon al-Fassi.

In december werd de prominente advocaat en bepleiter van de mensenrechten dr. Ibrahim al-Modeimigh, die in mei 2018 achter de tralies was beland, vrijgelaten. De voorwaarden van zijn vrijlating zijn nog altijd niet gekend.
 

hier niet op duwen