Iran/Turkije: Afghanen op de vlucht onrechtmatig gedwongen terug te keren nadat ze aan de grens beschoten werden

Iran/Turkije: Afghanen op de vlucht onrechtmatig gedwongen terug te keren nadat ze aan de grens beschoten werden

Persbericht

Iraanse en Turkse veiligheidstroepen hebben Afghanen die probeerden de grens over te steken op zoek naar veiligheid, herhaaldelijk gedwongen terug te keren, onder meer door onwettig het vuur te openen op zowel mannen, vrouwen als kinderen.

Dat zegt Amnesty International in een nieuw rapport, "They don’t treat us like humans", waarin talloze gevallen worden beschreven - vooral aan de Iraanse grens - waar veiligheidstroepen rechtstreeks op mensen schoten terwijl ze over muren klommen of onder hekken door kropen. Afghanen die erin slagen Iran of Turkije binnen te komen, worden routinematig en willekeurig vastgezet en onderworpen aan foltering en andere vormen van mishandeling voordat ze onwettig en met geweld worden teruggestuurd.

Onderzoekers van Amnesty International bezochten Afghanistan in maart 2022 en namen interviews af in de grensstad Herat en Islam Qala. Ze interviewden er 74 Afghanen die waren teruggedreven uit Iran en Turkije. 48 van hen meldden dat ze onder vuur werden genomen toen ze probeerden de grens over te steken. Van degenen die Amnesty International sprak, had niemand in een van beide landen een asielaanvraag kunnen indienen en de meerderheid werd in strijd met het internationaal recht teruggestuurd naar Afghanistan.  

“Een jaar na het einde van de luchtbrugevacuaties uit Afghanistan riskeren veel van de achterblijvers hun leven om het land uit te komen. Afghanen die het afgelopen jaar naar de Iraanse en de Turkse grens zijn gereisd op zoek naar veiligheid, zijn in plaats daarvan onder bedreiging van geweervuur teruggestuurd. We hebben gedocumenteerd hoe Iraanse veiligheidstroepen sinds afgelopen augustus tientallen Afghanen op onrechtmatige wijze hebben gedood en verwond, onder meer door herhaaldelijk te schieten op volgepakte auto's. Ook Turkse grenswachten hebben op onrechtmatige wijze scherpe munitie tegen Afghanen gebruikt door in de lucht te schieten om mensen af te schrikken en soms ook daadwerkelijk op hen te schieten”, zegt Marie Forestier, onderzoeker naar rechten van vluchtelingen en migranten bij Amnesty International.

 “Het gevaar houdt niet op aan de grens. Veel Afghanen die we spraken hadden  een tijd willekeurig vastgezeten, ofwel in Turkije of in Iran, waar ze werden onderworpen aan foltering en andere vormen van mishandeling voordat ze onwettig werden teruggestuurd. We roepen de Turkse en Iraanse autoriteiten dan ook op om onmiddellijk een einde te maken aan alle pushbacks en uitwijzingen van Afghanen, een einde te maken aan foltering en andere vormen van mishandeling, en een veilige doorgang en toegang tot asielprocedures te garanderen voor alle Afghanen die bescherming zoeken. Veiligheidstroepen moeten onmiddellijk een einde maken aan het onwettige gebruik van vuurwapens tegen Afghanen aan de grenzen, en plegers van mensenrechtenschendingen, zoals het onwettig doden en folteren, moeten ter verantwoording worden geroepen.”

Ook roept Amnesty International de internationale gemeenschap op om financiële en materiële steun te verlenen aan landen die grote aantallen Afghanen huisvesten, waaronder Iran en Turkije. Ze moeten ervoor zorgen dat deze financiering niet bijdraagt aan mensenrechtenschendingen. Dit laatste is van cruciaal belang, aangezien de Europese Unie al geld heeft verstrekt voor de nieuwe grensmuur van Turkije, evenals voor de bouw van verschillende 'uitzetcentra' waarvan Amnesty International al aantoonde dat er Afghanen worden opgesloten. Andere landen moeten ook de hervestigingsmogelijkheden vergroten voor Afghanen die internationale bescherming nodig hebben.

Een lange, gevaarlijke reis

Honderdduizenden Afghanen zijn hun land ontvlucht sinds de machtsovername door de taliban in augustus 2021. De buurlanden van Afghanistan hebben hun grenzen gesloten voor Afghanen zonder reisdocumenten, waardoor veel mensen geen andere keuze hebben dan irregulier te reizen. Dat betekent Iran binnenkomen via informele grensovergangen, door onder een hek te kruipen bij een officiële grensovergang in de Afghaanse provincie Herat, of door over een twee meter hoge muur te klimmen in de provincie Nimroz.

Degenen die niet direct worden aangehouden door Iraanse grenswachten reizen vervolgens door naar verschillende steden in Iran, of naar de bijna 2000 km verderop gelegen Turkse grens in het noordwesten van Iran. Zowel aan de Afghaans-Iraanse als aan de Turks-Iraanse grens worden Afghanen onderworpen aan gewelddadige en onwettige pushbacks, van Iran terug naar Afghanistan, of van Turkije naar Iran.

Onderzoekers van Amnesty International reisden in maart en mei 2022 naar Afghanistan en Turkije. Ze interviewden artsen, ngo-medewerkers en Afghaans overheidspersoneel, evenals 74 Afghanen die geprobeerd hadden Turkije of Iran binnen te komen. Sommige mensen hadden meerdere pogingen ondernomen, sommigen reisden in groepen; op basis van hun verhalen heeft Amnesty International tussen maart 2021 en mei 2022 in totaal 255 gevallen van onrechtmatige terugkeer opgetekend.

Gedood toen ze Iran probeerden binnen te komen

Amnesty International interviewde de familieleden van zes mannen en een 16-jarige jongen die werden gedood door Iraanse veiligheidstroepen toen ze tussen april 2021 en januari 2022 probeerden Iran binnen te komen. In totaal documenteerde de organisatie 11 moorden door Iraanse veiligheidstroepen, hoewel het werkelijke dodental waarschijnlijk aanzienlijk hoger ligt. Het ontbreken van uitgebreide rapportageprocedures betekent dat er weinig openbaar beschikbare statistieken zijn, maar humanitaire hulpverleners en Afghaanse artsen vertelden de organisatie dat zij alleen al tussen augustus en december 2021 ten minste 59 doden en 31 gewonden hebben geregistreerd.

Ghulam* beschreef hoe zijn 19-jarige neef in augustus 2021 werd doodgeschoten:

“Hij kwam aan bij de grensmuur, klom erop en keek erover. Ze schoten hem door het hoofd, in de linkerslaap. Hij viel op de grond aan de [Afghaanse] kant van de grens.”

Sommige van de gedocumenteerde schietpartijen vonden plaats op Iraans grondgebied. Sakeena*, 35 jaar, vertelde Amnesty International hoe haar 16-jarige zoon werd doodgeschoten toen ze weg stapten van de Iraanse grens:

“Ik hoorde hoe mijn zoon om mij schreeuwde. Hij was door twee kogels in zijn ribben geraakt. Ik weet niet wat er gebeurde nadat ik flauwviel […] Toen ik weer bij kwam, was ik in Afghanistan. Ik zag dat mijn zoon dood was. Ik zat naast zijn lichaam in een taxi.”  

Schietpartijen door Turkse veiligheidstroepen

Amnesty International interviewde 35 mensen die geprobeerd hadden Turkije binnen te komen, van wie er 23 aangaven dat ze onder vuur werden genomen. Onderzoekers interviewden een Afghaanse man die naar eigen zeggen getuige was van de moord op drie tienerjongens door Turkse veiligheidstroepen. Andere getuigen beschreven hoe zes mannen en drie jongens door Turkse veiligheidstroepen werden verwond, en Amnesty International interviewde twee mannen die schotwonden hadden opgelopen aan de Turkse grens.

Aref*, een voormalige medewerker van de Afghaanse inlichtingendienst, die vluchtte nadat hij door de taliban met de dood was bedreigd, zei dat hij gezien had hoe jonge kinderen verwond werden door Turkse veiligheidstroepen:

“Ze schoten direct op ons, niet in de lucht (…) Ik zag hoe een vrouw en twee kinderen gewond raakten. Een tweejarig kind werd in de nier geschoten en een zesjarig kind in zijn hand. Ik was doodsbang."

Geen van de doden of gewonden lijkt een onmiddellijke bedreiging voor de veiligheidstroepen of voor anderen te hebben gevormd - laat staan een bedreiging voor hun leven of een ernstig letsel - wat betekent dat het gebruik van vuurwapens onwettig en willekeurig was. In sommige gevallen lijken Iraanse veiligheidstroepen de vuurwapens te hebben gebruikt met de intentie te doden, bijvoorbeeld door van dichtbij rechtstreeks op mensen te schieten.

"Elke dode die valt door opzettelijk en onwettig gebruik van vuurwapens door vertegenwoordigers van de staat, moet worden onderzocht als een mogelijke buitengerechtelijke executie", aldus Marie Forestier.

In Iran heerst een stelselmatige straffeloosheid voor wijdverbreide vormen van foltering, buitengerechtelijke executies en andere vormen van onwettig doden. Amnesty International herhaalt daarom zijn oproep aan de VN-Mensenrechtenraad om een onafhankelijk onderzoeks- en verantwoordingsmechanisme op te zetten voor het verzamelen en analyseren van bewijs van de ernstigste misdrijven die onder internationaal recht in Iran zijn gepleegd, ook tegen Afghanen in het kader van pushbacks, om daarmee toekomstige vervolgingen mogelijk te maken.

Vastgezet en gefolterd

Vrijwel alle geïnterviewden die zijn onderschept toen ze eenmaal in Iran of Turkije waren en die niet meteen werden teruggestuurd, werden willekeurig vastgehouden. De detentietijd varieerde van een paar dagen tot tweeënhalve maand. 23 mensen beschreven een behandeling die zou neerkomen op foltering of een andere vorm van mishandeling tijdens hun detentie in Iran, evenals 21 mensen die in Turkije werden vastgehouden.

Hamid* beschreef hoe hij en zijn vriend door Turkse veiligheidstroepen in detentie werden geslagen:

“Een van de politieagenten sloeg mijn vriend met de kolf van zijn pistool en toen ging hij op hem zitten, alsof hij op een stoel zat. Hij zat daar en stak een sigaret op. Toen sloeg hij mij met zijn pistool op mijn benen.”

Verschillende mensen die door Amnesty International werden geïnterviewd, werden in Iran vastgehouden nadat ze schotwonden hadden opgelopen.

Amir* raakte gewond toen een door Turkse veiligheidstroepen afgevuurde kogel zijn hoofd schampte. Nadat hij werd gedwongen terug te keren naar Iran, werd Amir vastgehouden door Iraanse soldaten die hem op zijn hoofd sloegen:

"Ze sloegen me direct op de wond en dan begon het weer te bloeden... Op een keer zei ik: 'Sla me alsjeblieft niet op mijn hoofd', en de bewaker [in de gevangenis] zei: 'Waar?' Toen ik het hem liet zien, sloeg hij me precies daar", zei Amir.

Elf Afghanen die onrechtmatig door de Turkse autoriteiten zijn teruggestuurd, werden vastgehouden in een van de zes uitzetcentra in Turkije waarvan de bouw gedeeltelijk door de EU is gefinancierd.

“De Europese Commissie moet ervoor zorgen dat migratie- en asielgerelateerde financiering aan Turkije niet bijdraagt aan mensenrechtenschendingen. Als de EU doorgaat met het financieren van detentiecentra waar Afghanen worden vastgehouden voordat ze onrechtmatig worden teruggestuurd, loopt ze het risico van medeplichtigheid aan deze afschuwelijke mensenrechtenschendingen”, aldus Marie Forestier.

Internationale bescherming geweigerd

Geen van de door Amnesty International geïnterviewde Afghanen kon een verzoek om internationale bescherming indienen, noch in Iran, noch in Turkije. De geïnterviewden zeiden dat ze probeerden de autoriteiten duidelijk te maken dat ze een ernstig risico liepen op mensenrechtenschendingen als ze zouden terugkeren naar Afghanistan, maar hun vrees werd verworpen.

Iraanse veiligheidstroepen brachten gedetineerden per bus naar de Afghaanse grens, terwijl Turkse veiligheidstroepen hen gewoonlijk via irreguliere grensovergangen terug naar Iran brachten. Tien uit Turkije uitgezette mensen werden per vliegtuig rechtstreeks teruggestuurd naar Afghanistan. Turkije hervatte eind januari 2022 chartervluchten naar Afghanistan. Eind april maakte de Turkse migratiedienst op zijn website bekend dat al 6805 Afghaanse burgers met chartervluchten waren teruggestuurd.

Alle teruggestuurde geïnterviewden zeiden dat de Turkse en Iraanse autoriteiten hen dwongen te vertrekken. Amnesty International hoorde hoe gevangenen snikten en flauwvielen toen ze hoorden dat ze werden teruggestuurd naar Afghanistan, en hoe een man zelfmoord probeerde te plegen door uit een raam te springen.

Acht mensen die werden vastgehouden en vervolgens uitgezet op chartervluchten vanuit Turkije zeiden dat de Turkse autoriteiten hen onder druk zetten om documenten te ondertekenen waarin stond dat ze vrijwillig zouden vertrekken. Een man vertelde:

“Ik heb [veiligheidstroepen] verteld dat ik gevaar liep in Afghanistan. Het kon ze niets schelen. Ze sloegen me, duwden me tegen de muur. Ik viel op de grond. Twee mannen hielden mijn benen vast en een zat op mijn borst. Twee anderen drukten mijn vingers op het papier.”

Dit strookt met eerder internationaal onderzoek van Amnesty naar “vrijwillige” terugkeer vanuit Turkije.

“Het internationale rechtsbeginsel van non-refoulement verbiedt staten om iemand terug te sturen naar een gebied waar hij het risico loopt op vervolging en andere ernstige mensenrechtenschendingen. We dringen er bij de Turkse en Iraanse autoriteiten op aan zich aan deze verplichting te houden en te stoppen mensen te dwingen terug te keren naar het gevaar in Afghanistan”, zei Marie Forestier.

“De internationale gemeenschap moet ook zorgen voor een veilige doorgang en evacuatie voor Afghanen die gevaar lopen, en gecoördineerd actievoeren om de verantwoordelijkheid voor het opvangen van Afghaanse vluchtelingen te delen.”

*Namen zijn gewijzigd om identiteiten te beschermen

hier niet op duwen