Hypocrisie in Iran: tientallen minderjarige daders veroordeeld tot de doodstraf

Hypocrisie in Iran: tientallen minderjarige daders veroordeeld tot de doodstraf

Rapport

Tientallen jongeren in Iran kwijnen weg in de dodencel voor misdrijven die ze gepleegd hebben als minderjarige. Dit zegt Amnesty International vandaag in een vernietigend rapport.

Iran wil de buitenwereld doen geloven dat het respect heeft voor kinderrechten, maar die pogingen worden in het rapport doorprikt.

Iran is één van de weinige landen die nog steeds minderjarige daders executeert. Dit is een flagrante schending van het internationaal recht dat het gebruik van de doodstraf verbiedt tegen mensen die op het ogenblik van de feiten geen 18 jaar zijn.

“Er werden onlangs enkele hervormingen doorgevoerd aan het jeugdrecht en de autoriteiten pakken daar fier mee uit, maar de Iraanse wetgeving laat nog steeds toe om meisjes vanaf negen en jongens vanaf vijftien jaar tot de dood te veroordelen,” zegt Karen Moeskops, directeur van Amnesty International Vlaanderen.

Amnesty International registreerde tussen 2005 en 2015 73 executies van minderjarige daders in Iran. Volgens de VN zitten op dit ogenblik minstens 160 minderjarige daders in de dodencel. Het werkelijke cijfer ligt wellicht nog veel hoger aangezien de exacte doodstrafcijfers in Iran niet bekend gemaakt worden.

Amnesty identificeerde in het rapport de namen van 49 minderjarige daders die het risico lopen geëxecuteerd te worden. De meesten zitten gemiddeld al zeven jaar in de dodencel, enkelen zelfs al meer dan tien jaar. Soms wordt een geplande executie op het allerlaatste moment uitgesteld. Dit is op zijn minst een wrede, onmenselijke en vernederende behandeling.
“Het rapport schetst een macaber beeld van minderjarige daders in de dodencel. Velen van hen werden veroordeeld na een oneerlijk proces. Sommigen gingen over tot bekentenissen verkregen door foltering en mishandeling,” zegt Karen Moeskops.

Sinds 2013 kunnen rechters de doodstraf bij minderjarige daders vervangen door een alternatieve straf na een evaluatie van de mentale ontwikkeling en maturiteit van de jongere op het ogenblik van de feiten. In 2014 bevestigde het Hooggerechtshof dat terdoodveroordeelde minderjarigen een nieuw proces kunnen vragen. De Iraanse autoriteiten zijn bijzonder trots op deze hervormingen, maar daar is weinig reden toe.

Minderjarige daders worden nog steeds geëxecuteerd en in sommige gevallen worden ze zelfs niet op de hoogte gebracht van hun recht op een nieuw proces. Wanneer ze toch een nieuw proces krijgen, worden ze vaak bestempeld als voldoende “volwassen” op het ogenblik van de feiten en opnieuw veroordeeld tot de dood.

In sommige gevallen beslist de rechter op basis van enkele simpele vragen of de verdachte “volwassen” was, bijvoorbeeld of hij of zij wist dat het fout is om iemand te doden. Rechters halen ook de begrippen maturiteit en mentale gezondheid door elkaar. Soms beslissen ze dat een minderjarige dader mentaal gezond was op het ogenblik van de feiten en daarom de doodstraf verdient.
Fatemeh Salbehi werd in oktober 2015 geëxecuteerd omdat ze haar man vermoordde met wie ze als 16-jarige moest trouwen. Ze werd na een tweede proces van enkele uren veroordeeld tot de doodstraf. De psychologische analyse beperkte zich tot slechts enkele basisvragen. Er werd haar onder meer gevraagd of ze voldoende bad en religieuze teksten bestudeerde.

“De onophoudelijke wanpraktijken tegenover minderjarige daders tonen aan dat er dringend nood is aan wetgeving die het gebruik van de doodstraf tegen minderjarige daders expliciet verbiedt. Een tussenweg is niet mogelijk. Het leven van minderjarige daders mag niet overgelaten worden aan de willekeur van rechters,” zegt Karen Moeskops.

“Nu Iran terug op het internationale diplomatieke toneel is verschenen, is het ook belangrijk dat wereldleiders dit kanaal gebruiken om de dossiers uit dit rapport te bepleiten bij de Iraanse autoriteiten. De internationale gemeenschap moet ijveren voor een onmiddellijke omzetting van alle doodstraffen voor minderjarige daders naar een andere straf,” besluit Karen Moeskops.

Achtergrond

  • In juni 2015 besliste Iran dat jongeren die verdacht worden van een misdrijf voortaan moeten verschijnen voor gespecialiseerde jeugdrechtbanken. Voordien waren dat rechtbanken voor volwassenen. Dit is een hoopgevende stap, maar het valt nog af te wachten of dit ook een positieve impact zal hebben op het gebruik van de doodstraf bij minderjarige daders.
  • Iran ratificeerde meer dan twee decennia geleden het Kinderrechtenverdrag. Dat verdrag verplicht Iran om iedereen onder de 18 jaar als kind te behandelen. Min-18-jarigen mogen nooit veroordeeld worden tot de doodstraf of een levenslange straf zonder mogelijkheid om vrij te komen.

Lees HIER het volledige rapport.

hier niet op duwen