Gaza: onmiddellijke toegang voor hulpverleners essentieel

Gaza: onmiddellijke toegang voor hulpverleners essentieel

Persbericht

Terwijl het aantal doden en gewonden blijft stijgen, hebben burgers in de Gazastrook dringend nood aan voedsel, medische bijstand en hulpverlening. Dat zegt Amnesty International op woensdag 31 december.

Internationale hulpverleners en mensenrechtenorganisaties, evenals journalisten, hebben al sinds begin november geen toestemming gekregen van het Israëlisch leger om de Gazastrook te bezoeken. Uitzondering hierop zijn enkele journalisten die begin december enkele dagen de Gazastrook in mochten.

"Humanitaire hulpverleners, journalisten en mensenrechtenorganisaties zijn echter dringend nodig om te rapporteren over de situatie ter plaatse," zegt Amnesty International.

Amnesty International denkt dat het gevaar voor burgers groter wordt door artillerie-aanvallen op Gaza vanuit Israëlische schepen voor de kust. In het verleden is al gebleken dat dergelijke aanvallen op dichtbevolkte gebieden niet precies en accuraat kunnen uitgevoerd worden. Israël heeft al eens dergelijke aanvallen gestaakt nadat er een hoog aantal burgerslachtoffers vielen.

Terwijl de aanvallen voortduren, roept Amnesty International de Israëlische autoriteiten, de Hamas de-facto administratie en alle andere Palestijnse gewapende groeperingen, op een einde te maken aan alle onwettige aanvallen. Ze mogen geen burgers en gebouwen aanvallen die niet voor militaire doeleinden gebruikt worden, noch door luchtaanvallen en artillerievuur, noch door zelfgemaakte raketten. Alle partijen moeten alle mogelijke voorzorgsmaatregelen nemen om de burgers te beschermen tegen de gevaren veroorzaakt door militaire operaties.

Amnesty International is ook bezorgd dat een grondoffensief in Gaza door het Israëlisch leger nog meer burgerslachtoffers kan veroorzaken. "Het Israëlisch leger moet er rekening mee houden dat er geen 'veilige' plaatsen zijn in Gaza waar burgers zich kunnen schuil houden. Het leger weert dat het Jabalia vluchtelingenkamp zeer dicht bevolkt is en dat de huizen, slecht gebouwd en met asbestdaken, niet bestand zijn tegen aanvallen. Bij aanvallen vallen er vrijwel zeker doden en gewonden onder de burgerbevolking," zegt Amnesty International. "Het Israëlisch leger mag geen aanvallen uitvoeren waarbij er een disproportioneel risico is voor burgers. Het leger moet steeds kiezen voor aanvalsmethoden en -middelen waarbij het minste risico bestaat dat burgers het slachtoffer worden."

"We roepen alle partijen op om geen burgers aan te vallen en om geen disproportionele aanvallen uit te voeren waarbij het leven van burgers in gevaar komen."

Voorbeelden:

  • Op 27 december stierven 7 studenten van een school van de Verenigde Naties op weg naar huis net nadat de lessen waren afgelopen. Het Israëlische bombardement begon om 11.30u in de voormiddag op een zaterdag, net op een moment wanneer het zeer druk is in de straten. Het bombardement was het meest intens kort na de middag wanneer kinderen de school verlaten.
  • Op 27 december legde Muhammad al-Awadi een examen af en verliet daarna de Al Carmel school in het Rimal district in het centrum van Gaza Stad. De school ligt dicht bij het Al-Abbas politiekantoor in een residentiële buurt. Omstreeks 11.30u in de voormiddag was hij op weg naar het weeshuis waar hij samen met zijn broer Ahmed woont. Toen hij de school verliet werd hij dodelijk gewond door een bom die op het politiekantoor viel. Muhammad werd overgebracht naar het Gaza City Hospital en overleed er 's avonds op 30 december. Dit gebeurde in het begin van het totaal onverwachte bombardement. 
  • Op 28 december stierven 5 zussen van de Baalousha familie (Jawhir, 4 jaar; Dina, 8 jaar; Samar, 12 jaar; Ikram, 14 jaar; en Tahrir, 17 jaar). De zussen werden gedood in hun huis in het Jabalia vluchtelingenkamp, in het noorden van Gaza stad, het meest dichtbevolkte gebied in Gaza. Vier andere kinderen van een zelfde famile raakten gewond bij een bombardement van een moskee vlakbij hun huis. Hun huis en dat van verschillende anderen werden vernietigd.
  • In de nacht van 28 op 29 december stierven drie broers van de al-Absi familie (Sedqi, 3 jaar; Ahmad, 12 jaar; en Muhammad, 14 jaar). Ook hun moeder kwam om het leven en verschillende andere familieleden raakten gewond toen hun huis in een vluchtelingenkamp in Rafaf (in het zuiden van Gaza) werd vernietigd bij een aanval.

Sinds het begin van het offensief op 27 december zijn al meer dan 360 Palestijnen gedood, waaronder vele ongewapende burgers (onder meer 70 vrouwen en kinderen). Ongeveer 1700 Palestijnen raakten gewond. Ook vier Israëlische burgers werden gedood bij aanvallen van alle Palestijnse gewapende groeperingen uit Gaza die blijven raketten afvuren op het zuiden van Israël.

hier niet op duwen