Focus mei 2008: De Europese Unie en mensenrechten in het Israëlisch Palestijns conflict

Focus mei 2008: De Europese Unie en mensenrechten in het Israëlisch Palestijns conflict

Op 16 juni 2008 vond de jaarlijkse EU-Israel Association Council plaats. Is de druk wel hoog genoeg om effectieve impact voor de mensenrechten te realiseren

'It is the EU's view that maintaining relations with Israel is an important contribution to the Middle East peace process and that suspending the Association Agreement, which is the basis for EU-Israeli trade relations but also the basis for the EU-Israel political dialogue, would not make the Israeli authorities more responsive to EU concerns at this time. Keeping the lines of communication open and trying to convince our interlocutors is hopefully the better way forward.'
Officiële positie Europese Commissie

Op 16 juni vindt in Brussel de jaarlijkse EU-Israel Association Council plaats. Deze vergadering kadert in het Associatieakkoord, een handelsakkoord dat de EU in 1995 heeft afgesloten met Israël en dat ook de basis vormt voor de politieke relaties tussen de EU en Israël. In april vond nog een informele werkgroep met Israël plaats, waar vertegenwoordigers van de Europese Commissie traditioneel 'uiting geven aan hun ernstige bezorgdheden over de mensenrechten en uitvoerige debatten en diepgaande besprekingen van mensenrechtenvraagstukken houden'. In de praktijk blijft Israël echter de illegale nederzettingen in bezet gebied uitbreiden, het internationaal humanitair recht schenden, honderden Palestijnen maanden- en soms jarenlang administratief opsluiten, enz. Is de druk wel hoog genoeg om effectieve impact te realiseren?

Debatteren, discussiëren en dialogeren

De Europese Unie (EU) beschikt over een heel instrumentarium om mensenrechten en het internationaal recht een prominente plaats te geven in haar werk ten aanzien van het Israëlisch/Palestijns conflict: Associatieakkoorden, informele 'werkgroepen' en actieplannen binnen het Europese Nabuurschapsbeleid (ENB). De ENB-Actieplannen vormen een agenda voor politieke en economische hervormingen, waaronder mensenrechten, maar worden onderhandeld met het partnerland. Sinds 1995 bevatten externe akkoorden van de EU, zoals Associatieakkoorden, een mensenrechtenclausule: mensenrechten worden systematisch opgenomen als een 'essentieel element' in die akkoorden. Ook het Associatieakkoord tussen de EU en Israël bevat een dergelijke clausule in artikel 2: "Relations between the Parties, as well as all the provisions of the Agreement itself, shall be based on respect for human rights and democratic principles, which guides their internal and international policy and constitutes an essential element of this Agreement."

Dit is een instrument voor de EU om een politieke dialoog aan te gaan met Israël omtrent de mensenrechtensituatie in de Bezette Palestijnse Gebieden, maar geeft de EU ook juridisch het recht het gehele akkoord of delen ervan op te zeggen indien Israël niet voldoet aan de mensenrechtenverplichtingen. De EU blijft opteren voor de piste van de dialoog binnen de informele werkgroepen. Dat zou nog niet zo slecht zijn, moest de druk op Israël werkelijk hoog liggen. De dialoog staat momenteel echter op een bijzonder laag pitje en vindt plaats op een laag niveau. Nochtans heeft de nadruk van de EU op de mensenrechtenclausule in bepaalde gevallen het sluiten van akkoorden verhinderd. Ook heeft de EU al sancties getroffen op basis van deze clausule. Meest recentelijk tegen Zimbabwe. In geval mensenrechtenschendingen worden geconstateerd, beschikt de EU over een gamma aan mogelijke maatregelen die door de Raad van Ministers werden aangenomen, waaronder wijziging van inhoud van de samenwerkingsprogramma's, beperking van samenwerkingsprogramma's, uitstellen van bilaterale contacten op hoog niveau, handelsembargo's,...

De rol van de EU in het Kwartet

Via het Gemeenschappelijk Buitenlands- en Veiligheidsbeleid probeert de EU haar stem te laten horen op het internationale toneel. Sinds 2003 gaat de officiële positie van de EU in het 'Midden-Oosten vredesproces' nochtans niet verder dan het steunen van de stapsgewijze implementatie van de zogenaamde Road Map, een stappenplan naar vrede. De EU doet dit vanuit haar lidmaatschap van het Kwartet (waar ook nog de Verenigde Staten, Rusland en de Verenigde Naties deel van uitmaken). Het stappenplan moest in 2005 leiden tot een allesomvattend vredesakkoord. Daar is nog niet veel van in huis gekomen. Ondanks de ernstige ontwikkelingen op het terrein blijft het Kwartet ondertussen de Road Map als vertrekpunt nemen, terwijl het uitblinkt in oorverdovende stilte wat betreft de mensenrechtenschendingen die zich dagelijks voltrekken in de Bezette Gebieden. Nadat Hamas de correct verlopen verkiezingen won in januari 2006, braken de Verenigde Staten en de EU alle banden met de door Hamas gevormde regering. Toen daarop een machtsstrijd uitbrak tussen Fatah en Hamas, Hamas de macht greep in Gaza en Israël de Gazastrook hermetisch afsloot, keek het Kwartet gewoon toe hoe er zich langzaam maar zeker een humanitaire ramp voltrok in Gaza. Respect voor mensenrechten en internationaal recht zijn de sleutels voor het oplossen van het conflict en moeten dan ook een prominente rol krijgen in het beleid van de EU. De EU verliest kansen om een werkelijke hefboom te zijn voor respect voor mensenrechten en duurzame vrede.

Payer, geen player

De EU is niet alleen de grootste handelspartner van Israël, maar bovendien de grootste donor van de Palestijnse Autoriteit. Naast haar rol in het Kwartet wil de EU een bijdrage leveren tot state building in de bezette Palestijnse gebieden. Tussen 1994 en 2005 heeft de Europese Commissie ongeveer 2,3 miljard euro aan steun overgemaakt aan de Palestijnen. Critici menen echter dat de EU de uitgebreide budgettaire hulp, de humanitaire hulpverlening en de belangrijke economische banden die ze met Israël onderhoudt, politiek niet weet te verzilveren.

Het zijn in de eerste plaats de door de Israëlische overheid ingestelde beperkingen op de bewegingsvrijheid op de Westelijke Jordaanoever en de blokkade van de Gaza, die tot armoede en de slechte humanitaire toestand hebben geleid waarin heel wat Palestijnen zich vandaag bevinden.

De blokkade van de Gazastrook is volgens de Wereldbank de onmiddellijke oorzaak voor het feit dat 95% van de industriële activiteiten er opgeschort zijn. Maar liefst 80% van de Gazanen is vandaag afhankelijk van humanitaire hulp. Op de Westelijke Jordaanoever is de situatie niet veel beter: vooral ten gevolge van de beperking van de bewegingsvrijheid door Israël leeft 67% er in armoede. De Wereldbank stelt dan ook dat financiële hulp van donoren en Palestijnse financiële en andere hervormingen weinig resultaat zullen boeken als ze niet gepaard gaan met veranderingen in het Israëlische beleid.

Onder andere Sari Nusseibeh, rector van de Al-Quds universiteit in Jeruzalem, gaat zelfs verder, door te stellen dat de westerse hulp aan de Palestijnen de Israëlische bezetting subsidieert en deze helpt mee in stand te houden. Zo betaalt de EU een Israëlisch bedrijf om zelf brandstof te leveren om de elektriciteitscentrale in de Gazastrook te laten draaien. Zo is de EU een grote financier van UNRWA, de VN-organisatie die zorgt voor voedselbedelingen, gezondheidszorg en onderwijs in de Palestijnse vluchtelingenkampen. 'Op die manier blijft Israël 'het beste' van twee werelden krijgen', aldus Nusseibeh in een recent interview met De Standaard. 'Het exploiteert het grondgebied en zijn bronnen voluit, terwijl buitenlandse organisaties de bezetting en de hegemonie over de bevolking financieren.'

Wat verwacht Amnesty International van de Europese Unie?

De EU zou van plan zijn de relaties met Israël op een hoger niveau te tillen. Dit zou gebeuren in de vorm van een politieke verklaring die de 'speciale relatie' tussen Israël en de EU in de verf moet zetten. Van enige verwijzing naar mensenrechtenschendingen of kritiek zou bovendien geen sprake zijn. Voor Amnesty International moet een opkrikken van de relaties ook gepaard gaan met een opkrikken van de dialoog rond mensenrechten. Het volgende EU-voorzitterschap Frankrijk draagt een zware verantwoordelijkheid om een mensenrechtenbenadering in alle diplomatische en economische initiatieven te incorporeren. Het Frans voorzitterschap zal dit moeten binnenloodsen in het Kwartet, in de bilaterale relaties met Israël en de Palestijnse Autoriteit en binnen het Euro-Mediterranean Partnership. Amnesty International verwacht allereerst van de EU dat ze tijdens de Association Council  op 16 juni effectief gebruik maakt van de mensenrechtenclausule om de druk op Israël aanzienlijk op te voeren wat betreft de mensenrechtensituatie in de Bezette Gebieden en een mechanisme te ontwikkelen om de implementatie van die clausule in de praktijk te verzekeren.

Auteur: 
Landenteam Israël/Palestina
hier niet op duwen