Elektronicabedrijven en autoconstructeurs slagen er niet in kinderarbeid te bestrijden in kobaltindustrie

Elektronicabedrijven en autoconstructeurs slagen er niet in kinderarbeid te bestrijden in kobaltindustrie

Rapport
  • Blinde vlekken in bevoorradingsketens van elektronica- en autoproducenten

  • Apple is marktleider voor verantwoorde kobaltwinning – maar lat ligt laag

  • Minste vooruitgang bij Microsoft, Lenovo en Renault

Grote elektronicabedrijven en producenten van elektrische voertuigen die kobalt gebruiken, doen nog steeds niet genoeg om te verhinderen dat in hun bevoorradingsketen mensenrechten worden geschonden.

Bijna twee jaar geleden bracht Amnesty International aan het licht dat de batterijen die de bedrijven gebruiken in hun producten, kunnen gelinkt worden aan kinderarbeid in de Democratische Republiek Congo (DRC).

In een nieuw rapport, ‘Time to Recharge’, rangschikt de mensenrechtenorganisatie industriereuzen als Apple, Samsung Electronics, Dell, Microsoft, BMW, Renault en Tesla volgens de vooruitgang die ze sinds januari 2016 maakten op het vlak van kobaltbevoorrading. Volgens het rapport heeft een handvol bedrijven vooruitgang geboekt. Andere hebben nog niet eens de meest elementaire stappen gezet, zoals het onderzoeken van hun bevoorradingsketens vanuit de DRC.


"We schrokken van de vaststelling dat veel bedrijven zich niet eens afvragen waar hun kobalt vandaan komt."


“Uit onze eerste onderzoeken was gebleken dat enkele van de grootste wereldmerken bevoorraad worden met kobalt die door kinderen en volwassenen in afschuwelijke omstandigheden in de DRC uit de grond wordt gehaald. Toen we deze ondernemingen benaderden, schrokken we van de vaststelling dat veel bedrijven zich niet eens afvroegen waar hun kobalt vandaan komt”, zegt Seema Joshi van Amnesty International.

“Bijna twee jaar later vinden de rijkste en machtigste bedrijven ter wereld nog altijd excuses om hun bevoorradingsketens niet te onderzoeken. Zelfs zij die het wel doen, maken de risico’s en schendingen die ze aantreffen op het vlak van mensenrechten, niet openbaar. Als bedrijven in het ongewisse blijven over de herkomst van hun kobalt, dan doen hun klanten dat ook.”

“Dit is een cruciaal moment voor verandering. Nu de vraag naar herlaadbare batterijen toeneemt, dragen de bedrijven een verantwoordelijkheid om te bewijzen dat zij niet profiteren van de ellende van mijnwerkers die in vreselijke omstandigheden werken in de DRC. De energie-oplossingen voor de toekomst mogen niet worden gebouwd op mensenrechtenschendingen.”

Schimmige bevoorradingskanalen

Kobalt is een sleutelcomponent in lithium-ion-batterijen. Meer dan de helft van alle kobalt in de wereld komt uit de DRC en twintig procent daarvan wordt manueel uit de grond gehaald. Amnesty International beschreef hoe kinderen en volwassenen kobalt opdelven in nauwe, eigenhandig uitgehouwen tunnels en daarbij het risico lopen om te komen bij een ongeval of een ernstige longziekte op te lopen. De mensenrechtenorganisatie volgde het spoor van dit kobalt uit deze mijnen naar een Chinees verwerkingsbedrijf, Huayou Cobalt, waarvan de producten uiteindelijk terechtkwamen in de batterijen die elektrische apparaten en voertuigen aandrijven.

Dit rapport gaat na welke vooruitgang Huayou Cobalt en 28 bedrijven die er mogelijke banden mee hebben, of die waarschijnlijk kobalt uit de DRC aankopen, hebben gemaakt sinds januari 2016, toen hen werd gewezen op het risico op kinderarbeid.

Die evaluatie gebeurde op basis van vijf criteria die de internationale normen weerspiegelen, waaronder de vereiste dat bedrijven hun bevoorradingsketen onderwerpen aan zogenoemde ‘due diligence’-controles; en de vereiste dat de bedrijven transparant zijn over mensenrechtenrisico’s. Due diligence of zorgplicht wil zeggen dat elk bedrijf de verplichting heeft haar bevoorradingsketen in kaart te brengen, de mensenrechtenrisico’s daarin te identificeren en aan te pakken en daarover transparant te communiceren. Amnesty gaf elk bedrijf een beoordeling voor elk criterium: “geen actie”, “minimum”, “middelmatig” of “voldoende”.

Geen van de bedrijven die in het rapport genoemd worden, onderneemt voldoende actie om te voldoen aan de internationale normen. Nochtans zijn ze alle 29 op de hoogte van de mensenrechtenschendingen en de risico’s die gepaard gaan met de ontginning van kobalt in de DRC.

Apple aan de top, Microsoft hinkt achterop

Apple werd eerder dit jaar het eerste bedrijf dat de namen van zijn kobaltleveranciers bekendmaakte. Uit de research van Amnesty blijkt dat Apple ook marktleider is wat verantwoorde bevoorrading met kobalt betreft. Sinds 2016 heeft het bedrijf gesprekken gevoerd met Huayou Cobalt om kinderarbeid in zijn bevoorradingsketen op te sporen en tegen te gaan.

Dell en HP geven signalen dat ze op de goede weg zijn. Ze zijn begonnen met het onderzoeken van hun banden met Huayou Cobalt op het vlak van bevoorrading, en hebben ook een sterk beleid ontwikkeld om risico’s en mensenrechtenschendingen te detecteren in hun kobaltbevoorrading.

Maar andere grote elektronicamerken hebben alarmerend weinig vooruitgang geboekt. 

Microsoft bijvoorbeeld is een van de 26 bedrijven die hebben nagelaten details vrij te geven over hun leveranciers, onder meer de bedrijven die het kobalt dat zij gebruiken, smelten en verwerken. Daardoor voldoet Microsoft zelfs niet aan de meest primaire internationale basisnormen.

Ook Lenovo presteerde slecht, en deed alleen het minimale om mensenrechtenrisico’s te achterhalen of de banden met Huayou Cobalt en de DRC te onderzoeken.

Over de hele lijn is er een gebrek aan transparantie; bedrijven laten niets los over hoe zij de kansen op mensenrechtenschendingen in hun bevoorradingsketens of de ‘due diligence’-praktijken van hun leveranciers zelf inschatten.

Toen Apple en Samsung SDI bijvoorbeeld hun smelters identificeerden, gaven ze niets vrij over hun inschatting van de risico’s verbonden aan deze smelters. Dat maakt het onmogelijk om te zeggen of ze hun verantwoordelijkheid op het vlak van mensenrechten opnemen.

De schaduwzijde van groene technologie

Vroeger onderzoek van Amnesty International toonde het grote risico aan dat kobalt, opgedolven door kinderen in de DRC, terechtkwam in de batterijen van elektrische auto’s. Uit het nieuwe rapport blijkt dat de producenten van elektrische wagens achterlopen in het beperken van dat risico.

Renault en Daimler deden het bijzonder slecht en voldoen zelfs niet aan de minimale internationale normen op het vlak van openheid en ‘due diligence’, met grote blinde vlekken in hun bevoorradingsketens als gevolg.

Van alle onderzochte producenten van elektrische voertuigen presteerde BMW het best. Het bracht een aantal verbeteringen aan in zijn beleid en praktijk op het gebied van kobaltbevoorrading, maar heeft nog altijd niet meegedeeld wie zijn kobalt smelt en verwerkt. En het is ook niet van plan enige duidelijkheid te verschaffen over de mate waarin zijn kobaltsmelters de mensenrechten al dan niet respecteren.

“Kobalt speelt een sleutelrol in duurzame energieoplossingen. Het is een basiscomponent in de batterijen die elektrische auto’s aandrijven en kan een hoofdrol spelen in de ontwikkeling van groene technologieën zoals windmolenparken en zonne-energie. Maar de vraag naar kobalt kan ook leiden tot mensenrechtenschendingen”, zegt Joshua Rosenzweig van Amnesty International.

“Nu de vraag naar elektrische auto’s groeit, is het belangrijker dan ooit dat de bedrijven die ze produceren dat doen op een verantwoorde manier. Ook regeringen moeten hierin hun rol spelen door actie te nemen om te komen tot ethische bevoorradingsketens. Dat moet een prioriteit zijn bij het voeren van een groen beleid.”

Als gevolg van de internationale belangstelling voor het Amnesty-rapport uit 2016, heeft de regering van de DRC een comité opgericht dat kinderarbeid in de mijnbouwsector moet aanpakken. De regering heeft ook een strategie uitgedokterd om tegen 2025 alle kinderarbeid uit de ambachtelijke mijnbouw te bannen. Het is weliswaar te vroeg om nu al de impact van deze maatregelen te evalueren, maar wat ontbreekt in de huidige strategie zijn concrete tijdschema’s, duidelijke afspraken over verantwoordelijkheden en een operationeel plan voor de uitvoering ervan.

Huayou Cobalt, de essentiële schakel tussen de DRC en veel van de in het rapport beoordeelde bedrijven, heeft vooruitgang geboekt sinds het Amnesty-rapport uit 2016 en is wat transparanter geworden. Maar er blijven hiaten en daardoor zijn de kwaliteit en effectiviteit van de ‘due diligence’-praktijken van het bedrijf moeilijk in te schatten.

De volgende stap

Elk bedrijf moet zijn individuele verantwoordelijkheid opnemen in het identificeren, voorkomen en aanpakken van mensenrechtenschendingen in hun kobaltbevoorrading.

Het is van vitaal belang dat de inschatting van de risico’s op het gebied van mensenrechten openbaar gemaakt wordt. Geen enkel bedrijf uit dit rapport doet dat. Als bedrijven zien dat mensenrechten worden geschonden in hun bevoorradingsketens, moeten ze dat ook openlijk toegeven.

Een bedrijf dat heeft bijgedragen tot, of geprofiteerd heeft van kinderarbeid of van de arbeid van volwassenen die in gevaarlijke omstandigheden moeten werken, heeft de verantwoordelijkheid om het aangerichte leed te herstellen. Dat wil zeggen dat ze, met andere bedrijven en de overheid moeten samenwerken om de ergste vormen van kinderarbeid te stoppen en moeten helpen om die kinderen te re-integreren in school en eventuele gezondheidsproblemen en psychische noden helpen aanpakken