België’s 3e Universeel Periodiek Examen: terugkijken & vooruitblikken

België’s 3e Universeel Periodiek Examen: terugkijken & vooruitblikken

Blog

Hoe staat het met de bescherming van mensenrechten in België? Die vraag stond centraal bij de beoordeling van België in de Universal Periodic Review (UPR) van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (VN) op 5 mei 2021. De UPR is een VN-mechanisme waarin alle VN-lidstaten iedere vijf jaar door de andere lidstaten worden geëvalueerd op hun nationale mensenrechtensituatie. België was begin mei voor de derde keer aan de beurt. Zo’n 120 landen deden aanbevelingen over hoe de Belgische overheid mensenrechten in België de komende vijf jaar beter kan beschermen.


Met de aanwezigheid van de Belgische vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken Sophie Wilmès liet de Belgische overheid zien dat zij belang hecht aan de vijfjaarlijkse beoordeling. Minister Wilmès kondigde in haar slotopmerkingen terecht aan dat de voorbereiding  voor de 4e UPR vandaag begint. Geen betere manier van voorbereiden dan niet te talmen met de implementatie van de door België ondersteunde aanbevelingen, volgens ons!

De VN-lidstaten hadden veel aandacht voor etnisch profileren bij de politie, politiegeweld en racisme in België – kwesties waar Amnesty International al een aantal jaar actief rond is. De vele getuigenissen van politiegeweld tijdens en na demonstraties, de talrijke jonge mensen van kleur die stierven tijdens of na contact met de politie en het grootschalige Black Lives Matter-protest, benadrukten opnieuw het belang en de urgentie van deze thema’s in België.

Zo werd onder andere de aanbeveling geformuleerd om een expliciet wettelijk verbod op etnisch profileren door de politie op te nemen, in aanvulling op het algemene discriminatieverbod. Ook het bestrijden van de straffeloosheid voor politiegeweld werd meermaals benadrukt. Daarvoor zijn de registratie van identiteitschecks en data die de schaal van het probleem in kaart brengen van essentieel belang. Daarnaast werd de Belgische overheid sterk aangeraden een Nationaal Actieplan ter bestrijding van racisme op te stellen. Minister Wilmès beloofde dat dit er voor het eind van het jaar zal komen.

Daarnaast waren er aanbevelingen uit vorige UPR-sessies die opnieuw terugkwamen, zoals dat het Mensenrechteninstituut in België nog altijd niet voldoet aan de internationale standaarden. Ook de ratificatie van het facultatief protocol bij het VN-antifolterverdrag (‘OPCAT’) is nog steeds niet gerealiseerd door de Belgische overheid, ondanks eerdere aanbevelingen én beloftes van de Belgische autoriteiten. Het is dan weer wel positief dat België de Istanbul Conventie, dat een kader biedt om geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld te voorkomen en bestrijden, in 2016 ratificeerde. Voor verdere implementatie is echter wel een nieuw Nationaal Actieplan ter bestrijding van seksueel en gender-gerelateerd geweld essentieel.

De aanbevelingen zijn een belangrijke stap, maar nog  belangrijker is dat de overheid haar toezeggingen in de Mensenrechtenraad ook daadwerkelijk waarmaakt. “De Universal Periodic Review is eens in de vijf jaar, maar de gedane aanbevelingen gaan over mensenrechten die constante aandacht en serieuze actie vereisen. De UPR fungeert als een belangrijke herinnering daaraan” aldus Wies De Graeve, directeur Amnesty International Vlaanderen. Het parlement, het middenveld en de pers hebben dus de belangrijke taak om de opvolging van gedane aanbevelingen door verantwoordelijke ministers te blijven bewaken. De hoorzitting die het federale parlement in de Commissie Buitenlandse Betrekkingen hierover organiseerde op 25 mei 2021, is alvast een eerste positieve stap.

Dat Amnesty International de Belgische overheid zal blijven herinneren aan z’n engagementen, is zeker. Verschillende VN-lidstaten riepen België op het maatschappelijk middenveld te betrekken in het implementatieproces. Amnesty International staat klaar om de Belgische overheid hierbij te ondersteunen en te adviseren. De UPR aanbevelingen vormen immers samen een mensenrechtenagenda voor de komende vijf jaar, die zo mee een blauwdruk kan vormen voor een post-Corona België dat er beter in slaagt om de rechten van alle inwoners te beschermen en te bevorderen.

Auteur: 
Iris De Leede
hier niet op duwen