België doet ‘examen mensenrechten’ voor de VN: Amnesty International roept op tot ambitieuzer engagement

België doet ‘examen mensenrechten’ voor de VN: Amnesty International roept op tot ambitieuzer engagement

Persbericht

Op woensdag 5 mei legt België voor de derde keer zijn ‘mondeling examen mensenrechten’ af voor de Verenigde Naties (VN). Het gaat om het zogenoemde Universeel Periodiek Onderzoek (UPR, Universal Periodic Review), een mechanisme van de VN-Mensenrechtenraad waarbij VN-lidstaten elkaars mensenrechtenbeleid evalueren.

Amnesty International is niet onder de indruk van de prestaties van België sinds de vorige evaluatie (in 2016). Ondanks enige vooruitgang, zijn de aanbevelingen van toen traag en onvoldoende uitgevoerd.

“Het uitblijven van een nationaal actieplan tegen racisme, de aanhoudende vertraging bij de ratificatie van het Optioneel Protocol bij het VN-Antifolterverdrag (OPCAT) of de schrijnende toestand in heel wat gevangenissen; het zijn maar een paar voorbeelden die tonen dat mensenrechten op cruciale domeinen nog steeds een te geringe politieke prioriteit krijgen in ons land. Vaak is er amper vooruitgang ondanks herhaalde regeringsbeloftes,” zegt Wies De Graeve, directeur van Amnesty International Vlaanderen.
 
Amnesty International stelt vast dat mensenrechten in België verre van een verworvenheid zijn. In een rapport dat de mensenrechtenorganisatie overmaakte aan de VN, maakt Amnesty een evaluatie en een reeks aanbevelingen over een brede waaier aan thema’s, gaande van seksueel geweld, over de rechten van gevangenen tot de strijd tegen racisme en discriminatie, en de mensenrechtenimpact van maatregelen tegen de pandemie.

“We vragen dat België meer en beter doet als het op mensenrechten aankomt,” zegt Wies De Graeve.


“Er is structureel werk aan de winkel, bijvoorbeeld om te zorgen dat tekortkomingen bij de politie worden aangepakt. Daarvoor is onder meer doortastende actie nodig tegen etnisch profileren door de politie, maar ook onafhankelijk en openbaar onderzoek naar de te talrijke gevallen waarbij mensen aan contact met de politie verwondingen overhouden of het niet overleven.”

Wies De Graeve, directeur Amnesty Vlaanderen


Amnesty International ziet ook positieve ontwikkelingen. “Er zijn zeker ook stappen vooruit gezet: in de strijd tegen seksueel geweld werd veel verwezenlijkt en de oprichting van het Federaal Mensenrechteninstituut (FIRM) en de wetgeving over wettelijke gendererkenning hebben we toegejuicht,” zegt Wies De Graeve, “Maar België kan en moet de lat hoger leggen. Deze passage bij de VN is de uitgelezen kans om dat engagement aan te gaan. De 3e UPR cyclus biedt ook het maatschappelijk middenveld, de pers en het parlement de kans de balans op te maken en meer ambitie af te dwingen.”

Achtergrond over de UPR

“De UPR is uitgegroeid tot een belangrijk instrument van de VN-Mensenrechtenraad,” zegt Wies De Graeve. “Het is een instrument waarbij lidstaten elkaar op gelijke voet evalueren. Het dwingt staten om openlijk politieke verantwoording af te leggen en kleur te bekennen over welk mensenrechtenbeleid gevoerd wordt. 5 mei 2021 zal dan ook een grote impact hebben op de mensenrechtendoelstellingen van onze huidige Belgische regeringen.”

Tijdens een 3,5u durende werkgroep zullen de VN-lidstaten het mensenrechtenbeleid van België onder de loep nemen en aanbevelingen doen. De vergadering, waar Minister Sophie Wilmès voor België het woord zal nemen, is live te volgen via deze link.

Amnesty International deed naar aanloop van de UPR een analyse van een aantal mensenrechtenthema’s in België en maakte zijn aanbevelingen voor België over aan de VN-lidstaten en aan de Mensenrechtenraad. De bijdrage van Amnesty International is hier na te lezen.

hier niet op duwen