Bedrijven sluiten de ogen voor bloeddiamant uit de Centraal-Afrikaanse Republiek

Bedrijven sluiten de ogen voor bloeddiamant uit de Centraal-Afrikaanse Republiek

Rapport

Grote handelaren in de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR) kopen diamanten aan zonder grondig na te gaan of ze gebruikt werden om gewapende groepen te financieren die verantwoordelijk zijn voor standrechtelijke executies, verkrachting, ontvoering en massale plunderingen. 

Het rapport ‘Chain of Abuse: The global diamond supply chain and the case of the Central African Republic’ documenteert verschillende andere misbruiken in de diamantsector waaronder kinderarbeid en belastingontwijking.

Sinds mei 2013 is er een exportverbod van kracht voor diamant uit de CAR waar een gewapend conflict al aan 5.000 mensen het leven heeft gekost. Het ontginnen van diamant en de binnenlandse handel liepen sindsdien gewoon door. De grote voorraden diamant in Bangui kunnen binnenkort op de internationale markt komen omdat het exportverbod gedeeltelijk zal opgeheven worden van zodra de Centraal-Afrikaanse overheid enkele voorwaarden vervult die opgelegd zijn door het Kimberley-proces dat toeziet op de preventie van bloeddiamant in de internationale handel.

“Indien bedrijven bloeddiamanten hebben gekocht, dan kunnen we niet toelaten dat ze daar geld aan verdienen,” zegt Lucy Graham van het Business & Human Rights Team van Amnesty International. “De Centraal-Afrikaanse overheid moet bloeddiamanten in beslag nemen, ze verkopen en de opbrengst ervan investeren in openbare dienstverlening. De burgers van de CAR hebben recht op de winsten van hun eigen natuurlijke rijkdommen.”

Uit interviews met mijnwerkers en diamanthandelaars blijkt dat zowel Séléka als anti-balaka, de gewapende groepen in de CAR, profijt halen uit de diamantsector door mijnsites te controleren en afpersing van mijnwerkers en handelaars.

Het Amnesty-rapport toont ook aan dat er in de grote diamantcentra wereldwijd te weinig controles uitgevoerd worden zodat bloeddiamanten gemakkelijk globaal verhandeld en verkocht kunnen worden.

Klik op de afbeelding om ze te vergroten.

Nalatigheid bij de diamanthandelaars in de CAR

Er bestaat een grote waarschijnlijkheid dat Sodiam, de grootste opkoper van diamanten in de CAR diamanten heeft aangekocht of nog steeds aankoopt waarmee de strijd van de anti-balaka-militie gefinancierd wordt. Het bedrijf heeft een diamantvoorraad ter waarde van 7 miljoen euro.

Badica en Kardiam, respectievelijk de tweede grootste opkoper in de CAR en een dochterbedrijf in België, werden door de VN al op een zwarte lijst gezet omdat ze verantwoordelijk zijn voor de aankoop en smokkel van diamanten uit Séléka-gebied in het oosten van de CAR.

In mei 2015 bevestigde een vertegenwoordiger van Sodiam aan Amnesty International dat het bedrijf diamanten heeft gekocht in het westen van de CAR en dat deze worden opgeslagen tot ze geëxporteerd kunnen worden.

Het Amnesty-rapport beschrijft de aanzienlijke betrokkenheid van de anti-balaka-milities bij de diamanthandel in het westen van de CAR. De handelaars die Amnesty gesproken heeft, waren zich bewust van deze betrokkenheid, maar geen enkele deed inspanningen om diamanten uit te sluiten die de gewapende strijd gefinancierd hebben. Eén van deze handelaars toonde Amnesty ontvangstbewijzen van diamantverkopen aan Sodiam.

Sodiam ontkent officieel dat het conflictdiamanten aankoopt. Het bedrijf beweert geen diamanten aan te kopen van mijnen die gecontroleerd worden door rebellengroepen of bij handelaars die banden hebben met gewapende groepen. Amnesty International stelt zich echter grote vragen bij de controleprocedures van het bedrijf.


Klik op de afbeelding om ze te vergroten.

Gebrekkig Kimberley-proces

Niet alleen in de CAR ook verder in de internationale toeleveringsketen van diamant loopt het vaak fout. Smokkel en belastingontwijking worden in het Amnesty-rapport uitvoerig behandeld.

Naar aanleiding van een grote bijeenkomt van de diamantindustrie in maart 2016 roept Amnesty overheden en grote bedrijven zoals De Beers en Signet op om de sector beter te reguleren. Diamantbedrijven moeten de herkomst en het parcours dat diamanten afleggen beter onderzoeken op mensenrechtenschendingen en andere illegale of onethische praktijken.

“Het Kimberley-proces focust exclusief op conflictdiamanten en houdt geen rekening met mensenrechtenschendingen buiten de context van een conflict. Bedrijven moeten alle misbruiken in de diamantsector van kinderarbeid tot belastingontwijking onderzoeken en uitsluiten. En overheden moeten meer controles uitoefenen,” zegt Lucy Graham.

Belgische maatregelen

Op dit moment werken de Belgische regeringen aan een actieplan over de impact van bedrijven op mensenrechten. Het plan werd aangekondigd in het regeerakkoord en moet de VN-Principes over Bedrijfsleven en Mensenrechten in de praktijk om te zetten. Het plan zou nog dit jaar klaar moeten zijn. 

Amnesty International roept de Belgische overheden op om in het plan te voorzien dat bedrijven verplicht worden om zelf toezicht te houden op hun toeleveringsketen. Concreet voor mineralen uit conflictgebieden, moeten de OESO-aanbevelingen ter zake (*) wettelijk verankerd worden. Dit geldt niet uitsluitend voor de diamanthandel, maar ook voor de handel in andere mineralen.   

Dat wil onder meer zeggen dat bedrijven die in België gevestigd zijn, hun toeleveringsketen zouden moeten onderzoeken en daarover zouden moeten rapporteren.

(*) Het gaat om de OESO-richtsnoeren inzake zorgvuldigheidseisen voor verantwoorde bevoorradingsketens van bodemschatten uit door conflicten getroffen gebieden en risicogebieden