Antiterreurwetten ontmantelen fundamentele rechten

Antiterreurwetten ontmantelen fundamentele rechten

Rapport

Ingrijpende nieuwe wetten drijven Europa naar een gevaarlijke situatie waarbij nationale veiligheid fundamentele rechten en vrijheden in de verdrukking duwt. Dit zegt Amnesty International in een nieuw diepgaand onderzoeksrapport over antiterreurmaatregelen in 14 EU-lidstaten waaronder België. Het rapport Dangerously disproportionate: The ever-expanding national security state in Europe’ toont aan hoe een stortvloed aan wetten en wetswijzigingen fundamentele vrijheden en mensenrechten ontmantelen.

"In het kielzog van een reeks afschuwelijke aanslagen op Europese bodem hebben regeringen aan grote snelheid een resem buitenproportionele en discriminerende wetten ingevoerd,” zegt John Dalhuisen, Amnesty’s directeur voor regio Europa. "De meeste van deze antiterrorismemaatregelen zijn elk op zich al verontrustend genoeg, maar wanneer we ze samen bekijken, doemt een schrikbeeld op waarbij vrijheden die al lang vanzelfsprekend waren, vernietigd worden."

Doorheen Europa hebben antiterrorismemaatregelen de rechtsorde aangetast, de uitvoerende macht uitgebreid, het rechterlijk toezicht ingeperkt, de vrijheid van meningsuiting beperkt en mensen blootgesteld aan ongecontroleerde massa-surveillance door de overheid. Vooral personen met een andere nationaliteit en etnische en religieuze minderheden hebben de impact gevoeld.

Noodtoestand en noodmaatregelen – de nieuwe standaard

Grondwetswijzigingen en nieuwe wetgeving maken het in verschillende landen gemakkelijker om een ​​formele noodtoestand uit te roepen of ​​om bijzondere bevoegdheden toe te kennen aan veiligheids- en inlichtingendiensten, vaak met weinig of geen rechterlijk toezicht.

In Hongarije bijvoorbeeld voorziet een nieuwe wet dat in geval van een afgekondigde noodtoestand de uitvoerende macht heel veel bevoegdheden krijgt. Zo kunnen publieke bijeenkomsten verboden worden, de vrijheid van beweging zwaar ingeperkt worden en tegoeden bevroren worden. Vage wetsbepalingen laten toe om wetten snel te schrappen of in te voeren en het leger kan ingezet worden om met vuurwapens oproer de kop in te drukken.

In Frankrijk werd de noodtoestand al vijf maal hernieuwd. Op die manier worden ingrijpende maatregelen geïnstitutionaliseerd, zoals de mogelijkheid om demonstraties te verbieden en het uitvoeren van huiszoekingen zonder juridisch mandaat. Tijdelijke noodmaatregelen, zoals beperkingen van de bewegingsvrijheid door middel van een administratieve beslissing, in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, zijn steeds meer ingebed in gewone wetgeving.

De nieuwe Poolse antiterreurwetgeving betonneert draconische bevoegdheden. Mensen met een andere nationaliteit worden daarbij soms specifiek geviseerd. Sommige landen misbruiken antiterreurwetten om mensenrechtenverdedigers en politieke activisten te treffen. Een sterk voorbeeld is het gebruik van noodwetten door de Franse politie om milieuactivisten onder huisarrest te plaatsen voorafgaand aan de VN-klimaatconferentie in Parijs in 2015.

Massasurveillance

Verschillende EU-landen hebben wetten ingevoerd die willekeurige massasurveillance toelaten door uitzonderlijke bevoegdheden toe te kennen aan veiligheids- en inlichtingendiensten om persoonlijke communicatie te onderscheppen, bewaren en in te kijken. Surveillancebevoegdheden zijn toegekend of uitgebreid in onder meer het VK, Frankrijk, Duitsland, Polen, Hongarije, Oostenrijk, België en Nederland waardoor de gegevens van miljoenen mensen onderschept of zelfs bekeken kunnen worden.

Doelgerichte surveillance zonder juridisch toezicht werd eveneens enorm uitgebreid. De Poolse antiterreurwet van afgelopen jaar laat toe om buitenlanders in het geheim te bespioneren, met inbegrip van telefoontap, controle van elektronische communicatie en toezicht op telecommunicatienetwerken en toestellen zonder enig gerechtelijk toezicht gedurende drie maanden.

David Miranda, een Braziliaan die assisteerde bij het journalistieke onderzoek naar Edward Snowden’s onthullingen over massasurveillance, werd in 2013 aangehouden op grond van de Britse antiterreurwetgeving toen hij op doorreis was in het Verenigd Koninkrijk. Hij werd in hechtenis genomen, gefouilleerd en gedurende negen uur ondervraagd op verdenking van betrokkenheid bij "spionage" en "terrorisme". Zijn mobiele telefoon, laptop, externe harde schijf en andere materialen werden in beslag genomen.

“Thought crimes”

Mensen kunnen tegenwoordig vervolgd worden voor daden die nog ver verwijderd zijn van werkelijk strafbaar gedrag. Een soort moderne versie van Orwells “thought crime”. Antiterreurmaatregelen leggen steeds meer de nadruk op preventie en overheden doen meer en meer een beroep op administratieve bevoegdheden om de vrijheid van beweging en andere rechten te beperken. Zo ontstaat het concept van een “pre-misdrijf”: vele mensen in Europa werden aan de avondklok onderworpen, kregen een reisverbod of een enkelband zonder dat ze in beschuldiging gesteld werden of veroordeeld werden voor een bepaald misdrijf. Bewijsmateriaal in dergelijk zaken wordt vaak geheim gehouden waardoor mensen die beschuldigd worden van “pre-misdrijven” zichzelf nier naar behoren kunnen verdedigen.

Vluchtelingen en minderheden in het vizier

Nieuwe machthebbers viseren vaak migranten, vluchtelingen, mensenrechtenverdedigers, activisten en minderheidsgroepen. Vage terreurwetten worden regelmatig misbruikt om deze groepen te treffen.

Veel EU-lidstaten proberen een link te leggen tussen de vluchtelingencrisis en terreurdreiging. Afgelopen november veroordeelde een Hongaarse rechtbank Ahmed H., een Syriër die in Cyprus woont, tot 10 jaar cel omdat hij een “terreurdaad” gepleegd zou hebben. De “terreurdaad” in kwestie bestond uit het gooien van stenen en het toespreken met een megafoon van een mensenmassa tijdens rellen met de grenspolitie. In realiteit reisde Ahmed H. naar de Hongaarse grens om zijn bejaarde ouders te helpen die op de vlucht waren vanuit Syrië naar Europa. Hij gaf toe stenen gegooid te hebben, maar op videobeelden is ook duidelijk te zien dat hij de menigte probeerde te kalmeren. Dit kan onmogelijk beschouwd worden als een terroristisch misdrijf. De veroordeling van Ahmed H. voor het plegen van een “terreurdaad” is een flagrant misbruik van antiterrorismewetgeving.

Ahmeds vrouw Nadia vertelde aan Amnesty: "Onze levens zijn complet overhoop gehaald. Ik probeer zowel moeder als vader te zijn voor mijn dochters, maar het is erg moeilijk. We missen Ahmed en we zijn bang voor hem."

Verregaande gevolgen

De angst om bestempeld te worden als bedreiging voor de veiligheid of extremist heeft verregaande gevolgen voor de vrije meningsuiting. In Spanje werden twee poppenspelers gearresteerd en beschuldigd van “verheerlijking van terrorisme” na een satirische voorstelling waarin een marionet een spandoek vasthield met een slogan die een gewapende groep zou steunen.

In Frankrijk werd een gelijkaardig misdrijf - "apologie van terrorisme" - gebruikt om honderden mensen, waaronder kinderen, aan te klagen omdat ze bijvoorbeeld berichten op Facebook gepost hadden die niet aanzetten tot geweld. In 2015 sprak het Franse gerecht 385 vonnissen uit voor "apologie van terrorisme". Een derde van deze uitspraken waren gericht tegen minderjarigen. Definities van "apologie" zijn zeer ruim geformuleerd.

In Spanje werd een populaire muzikant gearresteerd en opgesloten voor een reeks tweets waaronder een grap over een “bomtaart”als verjaardagscadeau voor koning Juan Carlos.

Vooral moslims en buitenlanders, of mensen die zo gepercipieerd worden, hebben de negatieve impact gevoeld van nieuwe maatregelen tegen terreur. In functie van nationale veiligheid wordt discriminatie door de overheid vaak als aanvaardbaar beschouwd.

"Terreurdreiging is een zeer reëel probleem dat krachtdadig beantwoord moet worden. De overheid moet de veiligheid van iedereen garanderen zodat we met z’n allen van onze rechten kunnen genieten. In plaats daarvan zien we echter overheden die onze rechten inperken in naam van veiligheid," zegt John Dalhuisen.

“Europese overheden gebruiken antiterreurmaatregelen om buitensporige bevoegdheden te consolideren, bepaalde groepen te discrimineren en mensenrechten te ontmantelen. We riskeren een maatschappij te creëren waarin vrijheid een uitzondering wordt en angst de regel.”

Amnesty roept de Belgische autoriteiten op om antiterreurmaatregelen bij te sturen waar nodig

België

In het rapport komen ook een aantal Belgische maatregelen en voorstellen aan bod die Amnesty International zorgen baren, zoals de recente voorstellen om apologie of verheerlijking van terrorisme te bestraffen.

“Verheerlijking of apologie van terrorisme zijn meningsuitingen die niet rechtstreeks oproepen tot het plegen van een terroristisch misdrijf. Dergelijke strafbaarstellingen gaan in tegen het recht op vrije meningsuiting. Ons onderzoek toont aan tot welke uitwassen dergelijke strafbaarstellingen geleid hebben in bijvoorbeeld Frankrijk en Spanje,” zegt Wies De Graeve, directeur van Amnesty International  Vlaanderen.

“Amnesty roept de Belgische autoriteiten op om antiterreurmaatregelen bij te sturen waar nodig. Bij de verdere invulling van het Belgische veiligheidsbeleid moeten fundamentele rechten en vrijheden gevrijwaard blijven. Maar wat in België vooral ontbreekt is het afdoend evalueren van de mensenrechtengevolgen van de uitvoering en de praktische gevolgen van de wetten en maatregelen. De bevindingen van dit rapport tonen nogmaals de nood voor de oprichting van een Nationaal Mensenrechteninstituut.”

Overzicht van de antiterreurmaatregelen in Europa: